Gezinscoaching
Gezinscoaching
De gemeente Stadskanaal ziet, net als andere gemeenten, de kosten voor jeugdhulp toenemen. Sinds de decentralisatie in 2015 heeft de gemeente een visie ontwikkeld voor jeugdhulp en de samenwerking met huisartsen, het voorliggend veld en tweedelijns professionals versterkt. In 2021-2022 liep de pilot Team Snel Verder (TSV), gericht op snelle interventie zonder indicatie en het afschalen van jeugdhulp naar het voorliggend veld om kosten te verlagen. Deze werkwijze werd vanaf juni 2022 voortgezet als Welstad Jeugd en Opgroeien. In 2024 liep deze pilot af en in 2025 en 2026 is een overbruggingsperiode ingezet. Dit verslag evalueert de inzet van gezinscoaches aan de hand van cijfers over de periode Q1 en Q2 van 2026.
Uitgangspunt gezinscoaching
Een belangrijk uitgangspunt in de ondersteuning van gezinnen is het stimuleren van eigen regie. Onze gezinscoaches moedigen hen aan om hun eigen kracht en netwerk te ontdekken en in te zetten. Zo versterken we hun positie en vergroten we de kans op duurzame verandering. Hierbij is het essentieel dat de inwoner zelf een hulpvraag heeft. Vanuit die hulpvraag gaan we samen aan de slag om te onderzoeken wat er nodig is. Dit vormt de basis voor passende en effectieve ondersteuning.
Door structureel aanwezig te zijn op basisscholen, middelbare scholen, bij huisartsen, in de wijk en buurt, tijdens activiteiten voor jeugd en bij de coalitie kansrijke start zijn we goed zichtbaar en laagdrempelig benaderbaar. Niet alleen voor kinderen, maar ook voor ouders en leerkrachten. Binnen gezinscoaching versterken we zowel de formele als informele netwerken rondom het gezin. Door naast een gezin te staan en samen te kijken naar hun krachten en mogelijkheden, bieden we ondersteuning die aansluit bij wat ze echt nodig hebben.
Ondersteuning gezinscoaching
In de periode januari 2026 tot en met juni 2026 hebben we via de inzet van gezinscoaches in totaal 75 gezinnen ondersteund. Van deze 75 trajecten zijn er 26 nieuw opgestart in deze periode. De overige 49 trajecten liepen door vanuit het voorgaande jaar. In dezelfde periode hebben we 29 trajecten afgesloten.
Doordat we meer trajecten hebben afgesloten dan dat er nieuw zijn gestart, zien we een eerste lichte daling in de caseload. Dit past bij de doelstelling om de caseload per 1 januari 2027 terug te brengen. Om deze lijn door te zetten, blijft het belangrijk om het aantal afrondingen structureel boven het aantal nieuwe trajecten te houden.
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| Trajecten | Individueel en L&S |
|---|---|
| Januari | 51 |
| Februari | 50 |
| Maart | 56 |
| April | 54 |
| Mei | 47 |
| Juni | 46 |
In de bovenstaande tabel is te zien dat het aantal trajecten licht aan het afnemen is. In juni zijn er in totaal nog 46 actieve trajecten, waarvan 44 individuele trajecten en 2 Leun & steun trajecten. In de onderstaande tabel is per maand een specificatie te zien van het aantal opgestarte en afgesloten trajecten.
| Trajecten | Opgestart | Afgesloten |
|---|---|---|
| Januari | 1 individueel | 6 individueel |
| Februari | 5 individueel | 3 individueel |
| Maart | 9 individueel | 5 individueel |
| April | 3 individueel | 11 individueel |
| Mei | 4 individueel | 4 individueel |
| Juni | 4 individueel |
Vervolg
Het is lastig om precies in te schatten wanneer we de lopende trajecten kunnen afsluiten. De gemiddelde doorlooptijd van een gezinscoachingstraject ligt op 252 dagen, maar de praktijk laat aanzienlijke variatie zien. Waar we het ene traject binnen enkele maanden kunnen afronden, begeleiden we andere gezinnen soms anderhalf tot twee jaar. Die spreiding maakt het lastig om op voorhand een goede voorspelling te doen van de totale caseload. Daarnaast wordt in dit gemiddelde de nieuw opgestarte trajecten ook meegenomen. Deze korte doorlooptijd geeft een vertekend gemiddelde.
De grote variatie in doorlooptijd hangt samen met het feit dat we vraaggericht werken. We gaan niet uit van een vaststaand aanbod, een bepaalde route of een vooraf bepaalde einddatum. De hulpvraag van het gezin is leidend voor de duur en intensiteit van de ondersteuning. Ieder gezin bepaalt in belangrijke mate zelf het tempo en de richting van het traject, waardoor de doorlooptijd lastig in te schatten is.
In de praktijk zien we bovendien regelmatig dat er bij aanvang van een traject meer speelt dan in de eerste instantie zichtbaar was. Wat begint als een relatief afgebakende hulpvraag, bijvoorbeeld rond opvoedondersteuning, kan gaandeweg onderdeel zijn van bredere problematiek zoals huisvesting, financiën of huiselijke relaties. Omdat we vraaggericht werken nemen we de tijd om deze onderlinge thema's serieus op te pakken wanneer ze door het gezin worden aangedragen. Elk nieuwe thema dat naar voren komt, kan de doorlooptijd verlengen, omdat het vraagt om extra ondersteuning, afstemming met ketenpartners of het inschakelen van aanvullende hulp.
De verwachting is dat we de komende maanden een paar trajecten gaan afsluiten. Daarnaast is de verwachting dat we een paar trajecten om gaan zetten naar leun en steun trajecten waarbij de begeleiding minder intensief is, maar inwoners wel met hun vragen terecht kunnen.
Doorverwijzingen
In de onderstaande tabel is te zien hoeveel casussen wij het afgelopen half jaar hebben doorverwezen en naar welke partij. Een doorverwijzing vindt plaats wanneer de ondersteuningsvraag van het gezin niet goed past binnen onze ondersteuning, bijvoorbeeld omdat een andere aanpak of expertise beter aansluit of omdat er gespecialiseerde hulp nodig is. In al deze gevallen zorgen we voor een warme overdracht, zodat het gezin goed wordt opgevangen door de juiste partij.
| Doorverwezen naar | Aantal casussen |
|---|---|
| Geïndiceerde zorg | 4 |
| Gemeente CJGV | 1 |
| Gemeente WMO | 1 |
| GGZ | 1 |
| Huisarts/ POH | 2 |
| Overig | 1 |
We zijn ons bewust van de noodzaak van afbouw van het aantal actieve trajecten en blijven hier actief op inzetten. Tegelijkertijd willen we deze afbouw zorgvuldig doen en niet sneller dan verantwoord is voor de gezinnen die we ondersteunen. In de komende periode gaan we gerichter in kaart brengen waar we trajecten kunnen afschalen of afronden, zonder dat dit ten koste gaat van de kwaliteit van de ondersteuning.