Q1 rapportage deBasis Veendam
Inleiding
In deze rapportage wordt een overzicht gegeven van de collectieve en de individuele ondersteuning vanuit deBasis Veendam in het eerste kwartaal van 2024. Daarnaast worden de aantallen vergeleken met de aantallen met het eerste kwartaal van 2024 en 2023 totaal. Op deze manier kunnen eventuele trends en ontwikkelingen in beeld gebracht worden.
Resultaten
| Soort KPI | Aantal |
| Aantal aanmeldingen | 158 |
| Aantal informatie en advies | 285 |
| Gemiddelde wachttijd in dagen | 9 |
| Aantal recidive trajecten | 3 |
| Percentage recidive (%) | 2.5 |
| Klachten | 0 |
Legenda bij tabel
Ter verduidelijking staan hier de bovenstaande begrippen uit de tabel nader toegelicht.
Aantal aanmeldingen: Alle aanmeldingen die in de geselecteerde periode via het voordeurteam binnenkomen. Aanmeldingen zijn het eerste registratieformulier van een casus wanneer deze wordt opgestart.
Aantal informatie & advies: Het totaal van de direct opgeloste aanmeldingen en de IA formulieren. Er is ook een apart formulier voor info & advies. Hiervoor hoeft geen casus te worden opgestart en dus wordt er ook geen aanmelding ingevuld. Er zijn hierbij dus ook geen klantgegevens. Dit zijn vaak losse vragen die terloops plaatsvinden (bijvoorbeeld bij buurtwerk).
Gemiddelde wachttijd: Het gemiddelde aantal dagen tussen de aanmelding en de intake.
Aantal recidive: Het aantal opgestarte casussen van terugkerende inwoners in de geselecteerde periode, waarbij:
- minimaal een halfjaar tussen het afsluiten van de vorige casus en het opstarten van de nieuwe casus zit;
- minimaal 1 hoofddomein ZRM hetzelfde is.
Percentage recidive: Het percentage van het totaal aantal opgestarte casussen in de geselecteerde periode waarbij sprake is van recidive (zie hierboven).
De tabel hieronder komt in elke rapportage terug en laat het aantal individuele en collectieve trajecten zien in het eerste kwartaal van 2024 in vergelijking met het hele jaar 2023. De Coöperatie Dichtbij voert samen met haar kernpartners de maatwerktrajecten uit.
In 2023 is er wederom een grote nadruk gelegd op het benutten van de mogelijkheden van collectieve ondersteuning. Dit is dan ook terug te zien in de resultaten. Als we de cijfers met elkaar vergelijken kunnen we constateren dat de trend die in 2023 is ingezet met afname van het aantal individuele trajecten, zich doorzet in het eerste kwartaal van 2024. De afname van het aantal individuele trajecten komt deels doordat we meer collectieve trajecten inzetten en we ook vorig jaar langdurige trajecten afgesloten hebben.
Vergelijking trajecten
| Q1 2023 aantal trajecten | 2023 totaal aantal trajecten | Q1 2024 aantal trajecten | ||
| Via kernpartners en overige aanbieders | Ondersteuning groep | 52 | 54 | 44 |
| Ondersteuning individueel | 134 | 138 | 91 | |
| Via deBasis | ||||
| Ondersteuning individueel | Totaal, waaronder: | 332 | 612 | 110 |
| - Schoolmaatschappelijk werk (SMW) | 59 | 144 | 22 | |
| - Casusregie huiselijk geweld (HG) | 10 | 17 | 9 | |
| - Onafhankelijke cliëntondersteuning (OCO) | 8 | 33 | 11 | |
| Ondersteuning collectief | ||||
| Aantal bijeenkomsten | 269 | 1694 | 402 | |
| Aantal deelnemers | 1076 | 9407 | 2284 |
* In deze tabel hebben we gebruik gemaakt van de meest recente cijfers zoals die nu bekend zijn. Als gevolg hiervan kunnen deze cijfers enigszins verschillen met de cijfers uit eerdere rapportages.
Collectieve ondersteuning
Er wordt onderscheid gemaakt tussen vijf vormen van collectieve ondersteuning, namelijk:
1. Open groep met inloop: hier kunnen inwoners zonder aanmelding binnenlopen om mee te doen of een kijkje te nemen. Voorbeelden hiervan uit het eerste kwartaal zijn de Inloop in het Veenkompas, waar inwoners vrijwel dagelijks ’s morgens en ’s middags terecht kunnen voor ontmoeting met koffie of thee en leuke activiteiten, het sjoelen voor ouderen, de buurtkamer en 't Hoeske.
2. Open groep eenmalig: dit zijn collectieve activiteiten en events die eenmalig plaatsvinden, zoals bijvoorbeeld de paasbrunch voor mensen zonder sociaal netwerk.
3. Gesloten groep: dit zijn (kleinschalige) groepen waarvoor je van tevoren (in overleg) aangemeld moet zijn wanneer je dit wilt bijwonen en die voor een specifieke doelgroep bedoeld zijn. Voorbeelden hiervan zijn de alleenstaande moedergroep en de deelgroep Rouw.
4. Ondersteuning zelforganisatie: het ondersteunen van lokale collectieve initiatieven, zoals bijvoorbeeld de de Veteraneninloop Actief in het groen en Beste Buur 2024.
5. Deelname aan (professionele) netwerkoverleggen: betrokken zijn bij lokale of regionale netwerken en samenwerkingsverbanden, zoals bijvoorbeeld Wijkteam Noord en de werkgroep Actief in het Groen. Daarbij ligt de nadruk op integraal, generalistisch, interdisciplinair en outreachend werken.
Hieronder volgt een overzicht van deze categorieën van collectieve ondersteuning zoals die in het eerste kwartaal aan de inwoners is verleend.
| Type collectieve trajecten | Aantal collectieve trajecten | Aantal bijeenkomsten | Aantal deelnemers |
| Open groep met inloop | 22 | 163 | 1693 |
| Gesloten groep | 20 | 196 | 198 |
| Ondersteuning zelforganisatie | 17 | 21 | 351 |
| Deelname aan (professionele) netwerkoverleggen | 14 | 22 | 42 |
| Totaal | 73 | 402 | 2284 |
De tabel hieronder laat het aantal activiteiten, bijeenkomsten en deelnemers zien in het eerste kwartaal van 2024 in vergelijking met het totale jaar 2023.
Het aantal trajecten is sterk toegenomen als je dit vergelijkt met de totale aantallen van 2023. Het aantal deelnemers en het aantal bijeenkomsten laat vergelijkbare aantallen met 2023 zien.
| Collectieve trajecten | Totaal 2023 | Q1 2024 |
| Aantal trajecten | 119 | 73 |
| Aantal bijeenkomsten | 1694 | 402 |
| Aantal deelnemers | 9407 | 2284 |
Collectieve ondersteuning per thema
De afbeelding hieronder laat zien op welke thema's de collectieve ondersteuning in het eerste kwartaal betrekking had. Hierin zijn de vijf verschillende typen van collectieve ondersteuning (zoals eerder hierboven besproken) meegenomen. Het geeft een overzicht van de thema's die veel aandacht hebben gekregen, maar laat ook de thema's zien waar minder nadruk op lag. De afbeelding laat zien dat positieve gezondheid een belangrijke rol speelde in de collectieve ondersteuning. Daarnaast springen ook de thema's als wijken en dorpen, zelfredzaamheid en participatie, eenzaamheid, hulp bij zelforganisatie en ketenpartner eruit. Dit past bij een verschuiving naar het vergroten van de inzet op informele vormen van ondersteuning en het versterken van de sociale basis. Ook blijkt hieruit het belang van samenwerking met ketenpartners.
Individuele ondersteuning
De tabel hieronder geeft een overzicht van de individuele ondersteuning die deBasis Veendam in het eerste kwartaal van 2024 heeft verleend. Het laat het aantal behandelde, opgestarte en afgesloten individuele- en leun en steun trajecten, en de bijbehorende gemiddelde doorlooptijd in dagen zien.
| Q1 2024 | Individuele trajecten | Leun en steun trajecten |
| Opgestart | 122 | 0 |
| Behandeld en in behandeling | 430 | 49 |
| Afgesloten | 95 | 11 |
| Gemiddelde doorlooptijd in dagen | 193 | 298 |
Er zijn verschillende vormen van individuele ondersteuning. Afhankelijk van de betreffende hulpvraag wordt er voor een specifiek traject gekozen, waaronder de trajecten zoals hieronder beschreven. De tabel laat de verschillende typen trajecten zien en daarbij het aantal dat in het eerste kwartaal van 2024 in behandeling is geweest, en de gemiddelde doorlooptijden van de afgesloten trajecten.
| Type traject | Aantal behandeld | Gemiddelde doorlooptijd in dagen |
| AVMO kernpartner | 136 | 335 |
| Ambulant begeleiding AV | 113 | 327 |
| Schoolmaatschappelijk werk | 53 | 117 |
| Algemeen maatschappelijk werk | 74 | 104 |
| Onafhankelijke cliëntondersteuning | 25 | 95 |
| Activering | 2 | 224 |
| Huiselijk geweld | 17 | 161 |
Zelfredzaamheidsmatrix
Bij individuele trajecten wordt gebruik gemaakt van de Zelfredzaamheidsmatrix (ZRM). Dit instrument draagt bij aan het in kaart brengen van de eigen kracht van de inwoner en de domeinen die ondersteuning behoeven, het formuleren van doelen en het volgen en eventueel bijsturen van het traject. De ZRM wordt bij het intake- en eindgesprek ingevuld door de professional. Het geeft een beeld van het functioneren van de inwoner op dat moment vanuit het perspectief van de professional. Het gaat daarbij niet alleen om wat er niet goed gaat maar ook om wat er wel goed gaat. Op deze manier draagt de ZRM bij aan een integrale benadering en fungeert als leidraad om de zelfredzaamheid binnen de verschillende domeinen in kaart te brengen.
Top 5 hoofddomeinen in het eerste kwartaal
De top 5 hoofddomeinen van de ZRM waarop de individuele trajecten betrekking hadden in het eerste kwartaal van 2024 bestaat uit:
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| Hoofddomein | Aantal |
|---|---|
| Geestelijke gezondheid | 298 |
| Financiën | 225 |
| Tijdsbesteding | 122 |
| Huiselijke relaties | 96 |
| Huisvesting | 80 |