Ieder kind telt mee
Ieder kind telt mee
Inleiding
Sociaal werkers met expertise in jeugd en opgroeien (vanaf hier: sociaal werkers op school) van Welstad zijn toegewezen aan alle 22 basisscholen in Stadskanaal. Zij fungeren als brugfunctionarissen en eerste aanspreekpunt binnen de scholen, met als doel vroegtijdige ondersteuning te bieden aan jeugdigen en hun ouders. Dit preventieve werk van sociaal werkers helpt jeugdigen om de onderwijsperiode gezond, veilig en succesvol te doorlopen, waardoor de behoefte aan geïndiceerde jeugdhulp afneemt. Ondanks de beperkte inzet van ongeveer 1,4 uur per school per week, wordt onze aanwezigheid door de meeste scholen als zeer waardevol ervaren. Dit heeft geleid tot een directe vraag naar uitbreiding van onze inzet. Om deze reden is een pilotgroep gestart, waarbij meer aanwezigheid mogelijk wordt gemaakt op enkele scholen. In dit evaluatieverslag verantwoorden wij onze inzet bij de pilot voor de verbindende functionaris op school, vanuit ieder kind telt mee. Dit doen we door te reflecteren op de ervaringen van basisscholen die meededen met de pilot en de hulpvragen die bij ons binnenkomen.
Sociaal werk op school richt zich op preventie, normalisering, professionalisering, vroegtijdige signalering en een betere verbinding met de leefwereld van het kind buiten de school wat bijdraagt aan een gezond en veilig leefklimaat thuis en op school. Dit doen we via een outreachende, oplossingsgerichte en systeemgerichte benadering. We werken vanuit de gedachte dat kinderen zich optimaal kunnen ontwikkelen in een brede en rijke context, waarin de drie leefwerelden (school, thuis en de buurt) met elkaar samenwerken en elkaar versterken (een sterke pedagogische basis). Waarbij ieder kind het recht heeft om op te groeien met gelijke kansen – waar je wieg ook stond. De pilot vanuit Ieder kind telt mee, vormde voor ons een mooie aansluiting met onze inzet op de basisscholen en heeft mogelijkheden geboden tot een kwaliteitsslag met een impactmeting.
Een uur per week is een mooie intentie, maar het zet geen zoden aan de dijk. De sociaal werker is daardoor te weinig op school om echt contact op te bouwen met leerlingen, ouders en leerkrachten. Dat zorgt ervoor dat mensen de weg naar de sociaal werker niet kennen.
De inzet in de afgelopen periode heeft voor ons de meerwaarde van extra inzet zeker aangetoond. In de onderstaande tekst zullen we dit verder toelichten.
Invulling pilot ieder kind telt mee, uitbreiding sociaal werk op school
De pilot besloeg het laatste kwartaal van het schooljaar 2023/2024. Twee scholen CBS de Maarsborg en CBS het Mozaiek namen deel aan de pilot. Wekelijks hebben we bij elke school voor 5 uur een sociaal werker ingezet. Het doel was dat leerkrachten, leerlingen en ouders snel en laagdrempelig hun vragen konden stellen. Voor leerlingen waren kindgesprekken mogelijk en ouders konden breed hun vragen stellen, niet alleen over opvoed- en opgroeigerelateerde onderwerpen, maar ook over bijvoorbeeld financiële kwesties. De sociaal werker op school gebruikte deze tijd ook om zichtbaar te zijn op het schoolplein en in de school. Zo is er geïnvesteerd in het contact met leerkrachten en andere medewerkers door aan te sluiten bij pauzes en koffiemomenten van de leerkrachten.
Binnen de pilot was er onder andere aandacht voor de thema's armoede, weerbaarheid en normaliseren. Hieronder wordt de inzet rondom de verschillende thema's verder toegelicht. Naast de inzet door de sociaal werkers en weerbaarheidstrainers is er tijd gereserveerd voor de opzet, monitoring en evaluatie van de pilot. Hier waren de projectencoördinator en beleidsadviseur ook bij betrokken. In totaal was er 10 uur per week beschikbaar voor de pilot. Hieronder staat de tijdlijn die schematisch de pilot weergeeft.

Spreekuur
Tijdens het spreekuur hebben we veelvuldig contact met de leerkrachten en intern begeleiders van de scholen. Daarnaast spreken we tijdens de spreekuren de ouders en leerlingen. We worden benaderd om mee te denken over verschillende thema's, zoals de route zorg, sociale weerbaarheid, agressie regulatie en verzuim. In grafiek 1 staat de verschillende thema's waar we vragen over hebben gekregen. In grafiek 2 is te zien van wie de vragen kwamen.
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| Hoofdthema | aantal vragen |
|---|---|
| Route zorg | 11 |
| Sociale weerbaarheid / contacten | 11 |
| Agressie regulatie | 7 |
| Verzuim | 7 |
| Opvoed vragen | 5 |
| Onveiligheid | 5 |
| Gesprekstechnieken/ bespreekbaarmaken zorgen | 5 |
| Overig | 4 |
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| herkomst vragen | aantal vragen |
|---|---|
| Leerkracht | 18 |
| Ouders | 15 |
| Intern begeleider | 12 |
| Leerling | 6 |
| Ouders na gesprek met leerkracht | 2 |
| Anders | 2 |
Hierbij valt het op dat tijdens de pilot er veel vragen komen vanuit ouders en leerlingen. Op de scholen waar geen pilot is, komen de vragen met name van de intern begeleiders en leerkrachten. Hierin zien we dat de verhoogde aanwezigheid bijdraagt aan het laagdrempelig kunnen stellen van vragen. Naarmate de pilot vorderde zagen we meer vragen van ouders en leerlingen.
De meeste vragen hebben we tijdens het spreekuur kunnen oppakken, door advies (28x) te geven of korte ondersteuning (12x) te bieden aan leerkrachten of ouders. Daarnaast hebben we kindgesprekken gevoerd met zes kinderen. Twee vragen hebben we buiten de tijd van pilot zelf opgepakt. Daarnaast hebben we vier vragen intern verwezen naar een collega van Welstad en twee vragen extern verwezen, naar veilig thuis en het CJGV.
Naast de hoofdthema's zoals te zien in grafiek 1, waren er tijdens de gesprekken nog andere belangrijke thema's die aan de orde kwamen:
- Normaliseren
- Armoede
- Route zorg
- Opvoedvragen
- Echtscheiding
- Bespreekbaar maken zorgen
- Verzuim
De inzet van de sociaal werkers is veelal gericht op het normaliseren, de casus hieronder geeft daar een mooi voorbeeld van. Soms is het leven gewoon ingewikkeld, en het opgroeien en opvoeden van kinderen is complex. We kijken samen met kinderen of ouders naar het betrekken van het netwerk bij de vragen waar ze mee zitten. Daarbij geven we uitleg over de ontwikkeling van kinderen en problematiek die hierbij hoort.
Casus normaliseren
Tijdens een spreekuur op school kwam een moeder bij mij langs om haar zorgen over haar zoon te bespreken. Ze gaf aan dat haar zoon vaak boos reageert, vooral wanneer dingen niet gaan zoals hij het wil of verwacht. Dit gedrag herkende zij niet bij haar andere kinderen en ze wist niet hoe ze ermee om moest gaan.
In totaal hebben we twee gesprekken gevoerd. Tijdens deze gesprekken hebben we samen onderzocht waar haar zorgen liggen en wat ze tot nu toe heeft geprobeerd om de boosheid van haar zoon te hanteren. Daarnaast spraken we over de ontwikkeling van haar zoon passend bij zijn leeftijd. Ik bood haar inzicht in de emotionele ontwikkeling van haar zoon en nam een normaliserende houding aan, waardoor ze besefte dat het gedrag van haar zoon soms acceptabel is.
Aan het einde van ons laatste gesprek gaf moeder zelf aan dat haar zoon waarschijnlijk meer tijd en aandacht nodig heeft om te leren omgaan met zijn emoties dan haar andere kinderen. Ze sloot het gesprek af met de woorden: “Er is werk voor mij aan de winkel om mijn zoon te leren omgaan met zijn emoties. En soms mag hij ook wel even boos zijn”.
Het is helpend dat je me wat inzicht geeft in wat voor andere gezinnen misschien wel normaal is, ten op zicht van mijn eigen normaal.
Armoede
Het thema armoede is met de twee scholen besproken. Er is geïnventariseerd wat de scholen nu zelf al doen met dit thema en wat de rol van de scholen hierin is. Dit overleg heeft in gezamenlijkheid plaatsgevonden met Solidair Groningen/ Ieder kind telt mee. Daarnaast is de ervaringsdeskundige van Welstad is benaderd, hij heeft een rol vanaf komend schooljaar. Tijdens de pilot periode zijn er geen aanvragen geweest voor financiële fondsen als stichting Leergeld, dit komt waarschijnlijk doordat de pilot aan het einde van het schooljaar plaatsvond en deze aanvragen vaak in het begin van het schooljaar worden gedaan. Er is een plan gemaakt om het thema armoede vanaf het komende schooljaar structureel op de agenda te laten komen. De pilot duurde te kort om hier al mee te starten. De scholen staan er voor open om dit vanaf komend schooljaar samen met solidair Groningen en inzet van een ervaringsdeskundige op te pakken. Op één school is inmiddels een leerkracht aangesteld als aandacht functionaris op dit thema.
Weerbaarheid
Hiervoor is gebruik gemaakt van de inzet van geschoolde weerbaarheidstrainers van Welstad. De sociaal werker en weerbaarheidstrainer hebben gedurende zes weken de weerbaarheidstraining gegeven met afsluitend een bijeenkomst voor ouder(s)/opvoeder(s). De weerbaarheidstrainingen zijn afgestemd op de specifieke dynamiek en behoeften binnen de klas. Dit was mogelijk doordat de sociaal werker bekend was met de school en de klas. De laatste les was een ouder-kind les. De leerlingen presenteerden zelf aan hun ouders wat ze geleerd hadden. Voor elk onderwerp schreven ze op wat ze hadden geleerd, wat ze moeilijk of makkelijk vonden, en welke oefeningen ze hadden gedaan. Bij een school hebben de ouders ook een aantal oefeningen gedaan, samen met hun kinderen. Deze aanpak zorgde voor veel enthousiasme bij de ouders en kinderen.

Casus sociaal werk op school
Kyan* 11 jaar werd aangemeld vanwege problemen met agressieregulatie. Door deel te nemen aan een aantal bokslessen kreeg hij meer inzicht in zijn eigen gedrag. Tijdens deze lessen was er ook ruimte voor gesprekken. In een van deze gesprekken gaf hij aan zijn vader niet meer te zien, maar dit graag te willen.
Als sociaal werker heb ik samen met hem een plan opgesteld om het contact met zijn vader opnieuw op te bouwen. Dit plan werd elke twee weken geëvalueerd. Kyan slaagde erin het contact met zijn vader op te bouwen op een manier en frequentie die voor beide passend was bij hun situatie. Af en toe loopt Kyan nog even binnen om te vertellen hoe het met hem gaat.
*Kyan is een fictieve naam
Wat fijn dat je met een andere blik en expertise mee kan denken en kan ondersteunen in het voeren van lastige gesprekken. Het is ook fijn om naderhand na te kunnen bespreken/ventileren.
Impact
De sociaal werkers geven aan dat hun inzet op de scholen de volgende impact heeft:
- Brugfunctie
De langere aanwezigheid van het sociaal werk op school zorgt voor kortere lijnen tussen de school, ouders en leerplicht ambtenaar, de GGD en het CJGV. Hierin komt de brugfunctie nadrukkelijk naar voren. Hierdoor wordt uitval van leerlingen voorkomen. - Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling
De sociaal werkers hebben veel kennis over de meldcode, dit kan op individueel niveau gebruikt worden en er wordt voorlichting gegeven over de meldcode aan de verschillende basisscholen. - Laagdrempelig contact met ouders
We zien dat met meer aanwezigheid het contact met ouders en de sociaal werker wordt vergroot. Doordat school als vertrouwensband heeft met een gezin, is de stap naar de sociaal werker voor ouders een stuk kleiner. Dankzij het laagdrempelige contact wordt bij de eerste signalen sociaal werk betrokken en is de problematiek vaak nog niet geëscaleerd. Hierdoor wordt duurdere geïndiceerde inzet voorkomen. - Normaliserende werking
Het gedrag van kinderen, en de bijbehorende gedachten en gevoelens zijn vaak normaal bij de situatie waar een kind in zit. De sociaal werker kan hier samen met de leerkrachten op reflecteren. Indien er meer nodig is, kunnen we verwijzen naar de juiste hulpverlener. - Het voorkomt duurdere geïndiceerde inzet
Gedurende de pilot van 3 maanden hebben we 55 vragen vanuit school, leerlingen en ouders gehad. 53 daarvan konden we via korte ondersteuning of advies oppakken. Twee casussen hebben we doorverwezen. Doordat er laagdrempelig contact is kunnen we bij de eerste signalen meedenken.
Ik vind het altijd fijn om even met je te praten over hoe het met mij gaat, omdat je wat verder van de situatie af staat en echt naar me luistert.
Ervaring basisscholen
Om inzicht te krijgen in de mening van basisscholen over de inzet van sociaal werk op school, hebben we op beide basisscholen interviews afgenomen met de intern begeleiders en directeuren. Uit deze gesprekken blijkt dat de scholen de preventieve meerwaarde van sociaal werk op school waarderen. Dankzij vroegtijdige signalering kan zwaardere hulp worden voorkomen. De aanwezigheid van de sociaal werker zorgt ervoor dat de communicatie met de leerplichtambtenaar, de GGD en het CJG is verbeterd. Dit illustreert duidelijk de brugfunctie van de sociaal werkers. Daarnaast waarderen de scholen het dat de sociaal werker bij de kind-gesprekken aanwezig kan zijn.
De scholen geven aan dat de extra uren zorgen voor een nog intensievere samenwerking, een betere bekendheid bij ouder en extra tijd voor kind- en ouder gesprekken. Ouders geven aan het fijn te vinden dat er iedere week iemand op school is om mee te overleggen, anders dan de leerkracht. De samenwerking verloopt zeer prettig en is waardevol voor alle partijen. Als rapportcijfer wordt een gemiddeld 8.5 gegeven. De aanwezigheid van de sociaal werker zorgt ervoor dat zorg wordt weggehaald bij school en hulp op de juiste plaats wordt gezocht en geboden.
Je ziet gedrag van kinderen op school wat voort komt uit het systeem. Wij als school hebben daar geen invloed op en kunnen hier niet bij komen. Het sociaal werk kan hier wel mee aan het werk en invloed in uitoefenen.
Toekomst
De grotere aanwezigheid op de scholen zorgt voor laagdrempelig contact met leerkrachten, ouders en leerlingen. Dit is duidelijk gebleken uit de de pilot. Daarnaast zorg het ervoor dat we collectieve activiteiten kunnen organiseren die gericht zijn op de brede sociaal-emotionele ontwikkeling van de kinderen. Deze activiteiten worden altijd in coproductie met de basisscholen uitgevoerd. De gemeente Stadskanaal heeft de keuze gemaakt om de inzet op alle scholen te verruimen vanaf schooljaar 2024-2025. De pilot geeft daarbij richting voor de uitvoering. Het lijkt ons zeer waardevol om dit project binnen de mogelijkheden van het sociaal werk op school te continueren. We blijven aandacht houden voor de thema's armoede en weerbaarheid.
