
2.1.
Collectieve ondersteuning
Vanuit Impuls organiseren en ondersteunen wij onder andere collectieve dienstverlening. In 2025 hadden wij 226 collectieve trajecten lopen. Daarnaast hebben wij circa 1.746 bijeenkomsten georganiseerd. Op deze bijeenkomsten kwamen ongeveer 27.727 niet-unieke deelnemers* af.
* Dit mooie aantal van 27.727 weerspiegelt het totaal aantal deelnames en niet uitsluitend unieke personen. Regelmatig bezoeken deelnemers meerdere activiteiten, of zijn ze wekelijks aanwezig bij een activiteit.
| Jaar | Aantal collectieve trajecten | Bijeenkomsten | Deelnemers totaal |
|---|---|---|---|
| 2021 | 173 | 213 | 2.759 |
| 2022 | 103 | 775 | 8.038 |
| 2023 | 161 | 1.261 | 9.847 |
| 2024 | 239 | 1.558 | 9.902 |
| 2025 | 226 | 1.746 | 27.727 |
De cijfers hierboven laten een mooie groei zien in zowel het aantal bijeenkomsten als het aantal deelnemers. We zoeken bewust steeds vaker naar een gezamenlijke, collectieve oplossing voor individuele vragen. Daarnaast heeft onze inzet op lokale zichtbaarheid en samenwerking er ook aan bijgedragen dat meer inwoners en partners ons weten te vinden.
De flinke stijging in deelnemersaantallen komt deels doordat we onze registratie inmiddels beter op orde hebben. Ook gaat het, zoals eerder genoemd, om het totaal aantal 'deelname momenten' en niet alleen om unieke personen (een deelnemer van Meer Bewegen voor Ouderen telt bijvoorbeeld wekelijks mee). Maar los van hoe we tellen, laat de groei in het aantal bijeenkomsten en deelnemers ook zien dat we in 2025 met ons groepsaanbod weer meer inwoners hebben weten te bereiken én verbinden.
Impactmeting collectieve activiteiten: gemiddelde scores per KPI
Om te weten of we écht verschil maken, vragen we het de deelnemers gewoon zelf. Via korte vragenlijsten onderzoeken we wat het meedoen aan een groepsactiviteit en de ondersteuning van onze sociaal werkers hen daadwerkelijk oplevert. We kijken daarbij naar de cijfers, maar vragen ook naar de persoonlijke verhalen erachter.
De tabel hierna laat goed zien hoe inwoners onze inzet in 2025 waardeerden, met op alle vlakken mooie scores tussen de 7 en 9. De algemene klanttevredenheid scoorde een 8,8 en het feit dat deelnemers zich écht 'gehoord en erkend' voelen, kreeg een 8,7. En juist dat laatste is precies waar we het voor doen.
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| KPI | Gemiddelde score |
|---|---|
| Klanttevredenheid | 8,78 |
| Erkend voelen | 8,70 |
| Lichamelijke gezondheid | 8,20 |
| Opgelucht voelen | 8,08 |
| Activering | 8,07 |
| Zelfredzaamheid | 8,04 |
| Verbonden voelen | 7,88 |
| Netwerkversterking | 7,80 |
| Participatie | 7,76 |
| Inbedding | 7,12 |
Ik heb hele fijne begeleiding en ondersteuning gehad waarbij ik echt gezien en begrepen werd. Het heeft mij veel gebracht zodat ik goede stappen heb kunnen maken.
Erg tevreden met Impuls! Fijne gesprekken en goede hulp!
Prettig dat er breed meegedacht wordt en gekeken wordt naar mogelijkheden!
2.2.
Individuele ondersteuning
Bij onze individuele ondersteuning maken we onderscheid tussen individuele- en leun en steuntrajecten. Individuele trajecten zijn in principe kortdurend van aard en hebben een duidelijk doel vooraf. Leun en steun trajecten daarentegen kunnen langer duren en zijn meer bedoeld om een situatie stabiel of een vinger aan de pols te houden. Daarnaast hebben we ook eenmalige informatie- en adviescontacten waarmee we inwoners met een vraag direct verder helpen.
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| Individuele trajecten | Leun en steun trajecten | Informatie & advies | |
|---|---|---|---|
| 2021 | 333 | 212 | 412 |
| 2022 | 415 | 282 | 593 |
| 2023 | 497 | 306 | 650 |
| 2024 | 506 | 135 | 1.003 |
| 2025 | 529 | 176 | 983 |
De afgelopen jaren is het aantal trajecten individuele ondersteuning ieder jaar gestegen. Ook het aantal leun- en steun trajecten is in 2025 toegenomen.
Kijken naar het hele plaatje
Om samen met een inwoner goed in kaart te brengen waar ondersteuning nodig is, gebruiken we de Zelfredzaamheidsmatrix (ZRM). Dat is simpelweg een manier om breed naar iemands leven te kijken: van gezondheid en sociaal netwerk tot financiën en wonen. Zo zien we niet alleen waar het knelt, maar geven we ook aandacht aan dingen die wél goed gaan en de stappen vooruit. Wat we in de praktijk vaak zien, is dat deze thema's nauw met elkaar verbonden zijn. Financiële problemen staan zelden op zichzelf; ze veroorzaken vaak stress die direct doorwerkt op iemands mentale gezondheid, de sfeer in huis of de opvoeding. Juist daarom is onze brede, persoonlijke blik zo belangrijk: we focussen niet op één losstaand probleem, maar kijken naar het hele plaatje.
Bij het kijken naar de cijfers van 2025 maken we onderscheid tussen de verschillende vormen van ondersteuning: individuele trajecten, leun- en steuntrajecten en informatie- en adviesvragen.
De volgende diagrammen laten de top 5 van hoofddomeinen of thema's zien waar de meeste individuele trajecten, leun- en steuntrajecten en informatie- en adviesvragen over gaan. Elk diagram laat per soort traject zien om welke percentages van het totaalaantal het gaat. Omdat er meer dan 5 thema's of hoofddomeinen zijn betekent dit dat deze 5 percentages niet optellen tot 100%. Onder de afbeelding worden deze resultaten verder toegelicht.
Toelichting
Bij de individuele trajecten zien we dat de problematiek zich sterk concentreert rondom het persoonlijk welzijn ofwel mentale gezondheid. Daarnaast spelen financiën (11,4%) en huiselijke relaties (9,5%) een aanzienlijke rol, wat illustreert dat mentale uitdagingen vaak hand in hand gaan met spanningen in de thuissituatie of financiële zorgen.
De leun- en steuntrajecten – bedoeld om langer de vinger aan de pols te houden – laten een veel bredere, meer gelijkmatige verdeling zien over verschillende leefdomeinen. Financiën (19,7%) en geestelijke gezondheid (16,2%) voeren hier de boventoon. Opvallend is ook het grote aandeel van maatschappelijke participatie (15,3%) en sociaal netwerk (12,4%). Dit weerspiegelt de aard van deze trajecten: het gaat vaak om het behouden van stabiliteit in het dagelijks leven, het voorkomen van terugval en het stimuleren van meedoen in de samenleving.
Bij de korte, oplossingsgerichte contactmomenten is de behoefte overwegend praktisch van aard. De helft van alle geregistreerde vragen (50,6%) gaat over financiën. Dit zijn vaak concrete vragen over regelingen, toeslagen of het ordenen van de administratie waarbij de inwoner direct geholpen of doorverwezen kan worden.
Wie kloppen er bij ons aan?
Kijken we naar de leeftijdsopbouw van de inwoners die we met individuele dienstverlening mochten ondersteunen, dan vallen er in 2025 een paar ontwikkelingen op ten opzichte van 2024:
De grootste groep groeit: Volwassenen in de categorie 27 tot 55 jaar weten ons het vaakst te vinden. Deze groep is bovendien verder gegroeid van 237 naar 259 inwoners. In deze leeftijdscategorie, die overigens groter is dan de andere, vinden vaak de meest ingrijpende veranderingen op het gebied van relatie, gezin, werken en wonen plaats.
Meer vragen rondom jonge kinderen: De meest in het oog springende stijging zien we in de leeftijdscategorie 4 tot 12 jaar. Dit aantal nam flink toe, van 105 in 2024 naar 140 in 2025. Dit benadrukt het belang van onze inzet voor gezinnen.
Lichte dalingen: Daartegenover staat een lichte daling in de individuele hulpvragen bij jongeren (12-18 jaar), de groep vlak voor de pensioenleeftijd (55-65 jaar) en onze alleroudste inwoners (85+).
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| Leeftijdscategorie | 2025 | 2024 |
|---|---|---|
| 0-4 | 2 | 3 |
| 4-12 | 140 | 105 |
| 12-18 | 53 | 65 |
| 18-27 | 74 | 70 |
| 27-55 | 259 | 237 |
| 55-65 | 57 | 70 |
| 65-75 | 46 | 44 |
| 75-85 | 47 | 48 |
| 85+ | 19 | 30 |
Trajecten per dorp
In de afbeelding hieronder is te zien in welke dorpen de inwoners wonen die individuele ondersteuning kregen in 2025. De meeste inwoners komen uit Gieten (170) en Annen (125), gevolgd door Gasselternijveen (78) en Rolde (63). In vergelijking met 2024 is het aantal inwoners dat individuele ondersteuning krijgt in Annen en Gieten aanzienlijk toegenomen. Dit heeft onder meer te maken met een toename van Welzijn op Recept, Maatschappelijke Begeleiding van Statushouders en jeugdmaatschappelijk werk.
Het aantal inwoners uit Gasselternijveen dat ondersteuning kreeg vanuit het buurtmaatschappelijk werk en jeugdmaatschappelijk werk is juist afgenomen in 2025. Misschien is dit een gevolg van duurzame inzet van dorpsondersteuning de afgelopen jaren.

De tabel hierna vergelijkt de dorpen met de meeste ondersteuning in 2024 en 2025.
| Dorp | 2024 | 2025 |
|---|---|---|
| Gieten | 149 | 170 |
| Gasselternijveen | 120 | 78 |
| Annen | 91 | 125 |
| Rolde | 75 | 63 |
| Gasselte | 52 | 58 |
| Eext | 38 | 47 |
| Gieterveen | 27 | 37 |
| Grolloo | 27 | 25 |
| Gasselternijveenschemond | 20 | 22 |
De complexiteit van de vragen: wat valt op?
De staafdiagram hierna laat, voor zover bekend, de mate van complexiteit zien van de individuele trajecten in 2025, in vergelijking met de jaren 2022, 2023 en 2024.
Als we kijken naar hoe complex de vragen zijn waarmee inwoners bij ons komen, laat de tabel over de afgelopen vier jaar een helder beeld zien:
Problemen staan zelden op zichzelf: Veruit de meeste inwoners kloppen bij ons aan met zogeheten 'redelijk complexe' vragen, waarbij twee tot drie problemen tegelijk spelen. Deze groep is in 2025 (na een daling in 2024) weer behoorlijk gegroeid naar 337 trajecten.
Vroeger in beeld: Wat verder opvalt, is de gestage, onafgebroken stijging van de 'niet complexe' trajecten (1 probleem) over de afgelopen vier jaar. Dit is een positief signaal: het lijkt erop dat inwoners ons steeds beter en in een vroeger stadium weten te vinden, nog vóórdat een enkel probleem uitgroeit tot een combinatie van uitdagingen.
Intensieve ondersteuning blijft nodig: De groep met 'zeer complexe' problematiek is in 2025 licht gedaald naar 114 trajecten (ten opzichte van 122 in 2024). Hoewel dit iets minder zijn dan in 2024 en 2023 ligt dit aantal nog altijd fors hoger dan in 2022. Dit laat zien dat maatwerk en intensieve samenwerking tussen disciplines en met onze netwerkpartners onverminderd belangrijk blijven.
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| 2025 | 2024 | 2023 | 2022 | |
|---|---|---|---|---|
| Niet complex (1 probleem & enkelvoudig) | 165 | 146 | 137 | 119 |
| Redelijk complex (2–3 problemen & meervoudig) | 337 | 285 | 339 | 292 |
| Zeer complex (meer problemen & meervoudig) | 114 | 122 | 121 | 71 |
Hoe komen inwoners bij ons terecht?
We hebben gewerkt aan meer zichtbaarheid, zijn gegroeid en organiseren en coördineren meer projecten. Hierdoor weten steeds meer inwoners de weg naar Impuls zelf te vinden. Daarnaast worden inwoners naar ons verwezen. De meeste doorverwijzingen komen, voor zover bekend, van Stichting Attenta, de gemeente, huisartsen/POH en het Dr. Nassau College.
Kijken we naar de doorverwijzingen, dan vallen er in 2025 een paar dingen op:
Succes van Welzijn op Recept: De bijna-verdubbeling van doorverwijzingen vanuit huisartsen en praktijkondersteuners (POH), van 29 naar 53 verwijzingen is een direct resultaat van de aanpak 'Welzijn op Recept'. De aanwezigheid van welzijnscoaches maakt dat de lijntjes korter zijn.
Attenta: Hoewel Attenta met 131 verwijzingen het vaakst doorverwijst, zien we hier een daling ten opzichte van vorig jaar (163). Dit komt waarschijnlijk door enige onduidelijkheid over onze dienstverlening; het beeld bestond dat wij voornamelijk zéér kortdurende trajecten oppakken. We leveren echter altijd maatwerk. We bieden ondersteuning zo kort als kan, maar zo lang als nodig is.
Toename vanuit de gemeente: Verder zagen we een flinke stijging in inwoners die via de gemeente naar ons werden verwezen (van 68 naar 89).
Over het algemeen kunnen we stellen dat we elkaar in de gemeente steeds beter weten te vinden, zodat inwoners sneller de best passende ondersteuning krijgen.
| Doorverwezen door | 2025 | 2024 |
|---|---|---|
| Stichting Attenta | 131 | 163 |
| Gemeente | 89 | 68 |
| Huisarts/POH | 53 | 29 |
| Dr. Nassau College | 13 | 14 |
| WPDA | 5 | 6 |
| Ketenpartner | 4 | 8 |
| Thuiszorg | 5 | 3 |
| GGZ | 1 | |
| Woningcorporatie | 1 |
