
Aanbod Voorschoolse Educatie
In het eerste halfjaar hebben 220 peuters gebruik gemaakt van de peuteropvang, verdeeld over 7 locaties en 16 groepen. Van deze peuters hadden er 113 een indicatie, waardoor ze 4 dagdelen naar de peuteropvang kwamen. De reguliere peuters kregen 8 uur per week opvang aangeboden, verdeeld over 2 dagdelen. Op twee locaties (Peuterpalet en Drie Turven Hoog) kregen de doelgroeppeuters naast twee dagdelen reguliere groep ook nog een extra kleine VVE-groep aangeboden met maximaal 8 peuters. Zij kwamen 16 uur per week naar de opvang. Het voordeel van de kleine VVE-groep is dat de leidster meer aandacht aan de ontwikkeling kan besteden, specifieke opdrachten met de kinderen kan uitvoeren en er minder prikkels zijn, wat de groep rustiger maakt. Op de reguliere groep leren de doelgroepkinderen om binnen een grote groep te functioneren, waar ze kunnen leren van kinderen die verder zijn in hun ontwikkeling. Het voordeel is dat er minder doelgroepkinderen op een groep zitten, waardoor er meer rust ontstaat en meer aandacht voor de kinderen, wat gunstig is voor alle kinderen. Doordat de doelgroep peuters op meerdere dagdelen naar de peuteropvang gingen, kregen zij veel herhalingsactiviteiten aangeboden en werd de taalleeromgeving positief beïnvloed.
Op twee locaties (Peuterkorf en Hummeltjeshonk) was er de mogelijkheid om doelgroeppeuters nog een extra reguliere groep aan te bieden. Deze doelgroeppeuters kwamen dan ook 16 uur naar de peuteropvang. De peuters uit het AZC in Musselkanaal kregen verdeeld over 4 dagdelen 16 uur opvang aangeboden. Op plaatsen waar maar 1 reguliere groep is en relatief weinig doelgroep peuters waren, maar er toch af en toe een doorverwezen werd, kreeg de peuter nog een reguliere groep aangeboden op een andere locatie. Op die manier kon er 16 uur volledig VVE aangeboden worden en kon er tegemoetgekomen worden aan de ontwikkelingsbehoefte van de peuter.
Op de groepen met maximaal 8 peuters is 1 pedagogisch medewerker en een vrijwilliger aanwezig. Groepen met meer dan 8 peuters hebben twee pedagogisch medewerkers en op sommige groepen ook nog een vrijwilliger of stagiaire. Hierdoor kan er ook op deze groepen veel individuele aandacht aan de peuter besteed worden.
Personeelsbezetting

Op de peuteropvanglocaties waren 21 pedagogisch medewerkers actief. Zij kregen ondersteuning van een pedagogisch coach en een pedagogisch beleidsmedewerker/intern begeleider. Het team werd geleid door een teamleider.
Internbegeleider / Pedagogische coach
De intern begeleider heeft een primaire verantwoordelijkheid voor het adviseren en coachen van de pedagogisch medewerkers bij het vroegtijdig signaleren van problemen bij peuters. Ze bespreekt hulpverzoeken van pedagogisch medewerkers met betrekking tot peuters met ontwikkelingsproblemen, gedrags- en opvoedingskwesties, observeert de peuters en creëert samen met ouders en medewerkers de voorwaarden voor de best mogelijke begeleiding binnen de peutergroep. Daarnaast geeft ze ouders voorlichting over gedrag, ontwikkeling en de mogelijkheden voor verwijzing van peuters die in hun ontwikkeling worden bedreigd (zorgpeuters). De intern begeleider heeft elke twee maanden kindbesprekingen met de pedagogisch medewerkers van de locaties, zodat er direct actie kan worden ondernomen bij zorgen. Afspraken worden vastgelegd in het kindvolgsysteem van Konnect. De intern begeleider werkt nauw samen met de pedagogisch coach.
Een pedagogisch coach coacht en traint pedagogisch medewerkers in hun dagelijkse werkzaamheden. Ze bewaakt en bespreekt de voorwaarden die zijn vastgesteld voor de begeleiding van zorgpeuters. Daarnaast houdt ze zich bezig met de ontwikkeling van het pedagogische beleid. De intern begeleider en pedagogisch coach hebben maandelijks overleg.
Vrijwilligers
De pedagogisch medewerkers werden ondersteund door 11 vrijwilligsters. Deze vrijwilligers assisteerden pedagogisch medewerkers bij het uitvoeren van hun taken in de peuteropvang. Ze werkten onder de verantwoordelijkheid van de pedagogisch medewerkers als tweede of derde volwassene op de groep. Alle vrijwilligsters waren verplicht om een "verklaring omtrent gedrag" (VOG) aan de organisatie te overhandigen.
Stagiaires
Stichting Peuterwerk biedt leerlingen van de opleiding Pedagogisch Werk (op verschillende niveaus) de kans om hun stageperiode te voltooien in de peuteropvang. In het eerste halfjaar hebben 3 stagiaires een ondersteunende rol gespeeld binnen de peuteropvang en werden ze ingezet als derde volwassene op de groep. De stagiaires kregen in de peuteropvang de kans om alle aspecten van groepswerk en het leiden van een peutergroep te ontdekken.
Peuteropvanglocaties
Bij Peuteropvanglocatie Het Krekeltje was de bezetting gedurende het eerste half jaar vrij stabiel met 9 peuters. Opvallend is dat we in Het Krekeltje meer doelgroeppeuters hebben verwelkomd. Van deze doelgroeppeuters gaan er nog 3 twee dagdelen naar Peuterkorf in Onstwedde, waardoor zij in totaal 16 uur per week opvang krijgen. Eén peuter hebben we moeten doorverwijzen naar KDC De Dolfijn, omdat deze peuter meer zorg nodig had dan wat de peuteropvang kon bieden. Helaas zijn de aanmeldingen voor de dreumesgroep afgenomen, en daarom hebben we deze tijdelijk moeten sluiten. Als er weer nieuwe aanmeldingen binnenkomen, kunnen ze gebruikmaken van de dreumesgroep in Peuterkorf, Onstwedde. Zo blijven we toch zicht houden op toekomstige peuters. Een groot succes is de wekelijkse gymles die de peuters krijgen van de plaatselijke gymvereniging 'Voorwaarts'. Elke maandagmiddag gaan ze een half uur gymmen in het gymlokaal onder begeleiding van een gymjuf. Peutergym helpt de peuters bij de ontwikkeling van hun motoriek, het leggen van contacten met andere kinderen, het leren wachten op hun beurt en het vergroten van hun weerbaarheid, wat hun zelfvertrouwen ten goede komt.
Bij Peuterkorf in Onstwedde waren beide groepen gedurende het jaar constant vol. Enkele peuters moesten dan ook nog wat langer op de wachtlijst blijven staan. Na de zomervakantie is er weer wat ruimte beschikbaar. Het feit dat beide groepen vaak vol zitten, is mede te danken aan de toename van het aantal doelgroeppeuters in Het Krekeltje, Alteveer. Deze doelgroeppeuters gaan ook nog 2 dagdelen naar een groep in Peuterkorf.
Ook bij Het Beudeltje in Mussel was de groep met 16 peuters constant vol. We konden echter de peuters van de wachtlijst nog plaatsen als ze 2½ jaar werden. De dreumesgroep werd ook goed bezocht, wat de peuteropvang garantie biedt voor het komende jaar. In juni zijn hier wekelijkse gymlessen gestart voor de peuters in de plaatselijke gymzaal. De buurtsportcoach van Welstad heeft dit eerst opgepakt, maar na de zomervakantie wordt dit overgenomen door gymnastiekvereniging Jahn 2 uit Stadskanaal.
Drie Turven Hoog laat een groei zien in het aantal kinderen. We hebben daar 2 reguliere groepen met maximaal 16 peuters en 2 kleine VVE-groepen met maximaal 8 peuters. Zowel de reguliere groepen als de VVE-groepen zitten voortdurend vol. Na de krokusvakantie hebben we besloten om groep Puk, waar de peuters uit het AZC naartoe gaan, uit te breiden met reguliere peuters, mede door de afname van het aantal AZC-kinderen. De doelgroeppeuters gaan naast 2 dagdelen op de reguliere groep ook nog 2 dagdelen naar de kleine VVE-groep. We hebben deze VVE-groep moeten uitbreiden naar maximaal 10 peuters, omdat de 3 overgebleven AZC-kinderen ook nog 2 dagdelen op deze VVE-groep verblijven. We hebben hier een extra professionele kracht aan toegevoegd. Op de VVE-groepen worden herhalingsactiviteiten aangeboden, en doordat de groep niet zo groot is, krijgen de peuters voldoende aandacht en zijn er minder prikkels. Ook de peuters van Drie Turven Hoog gaan wekelijks gymmen in de sporthal, in samenwerking met de plaatselijke gymvereniging MSK. Zowel de peuters als de medewerkers zijn hier erg enthousiast over. Vooral in deze tijd, waarin kinderen minder bewegen dan vroeger, is zo'n beweegmoment in de week een goede investering.
In Drie Turven Hoog is het aantal peuters dat uit het AZC komt, het afgelopen half jaar behoorlijk afgenomen. Na de meivakantie hadden we geen peuters meer uit het AZC. De reden hiervoor is dat er maar weinig gezinnen met kinderen meer in het AZC verblijven. In juli heeft er een overleg plaatsgevonden met de gemeente, medewerkers van het COA en de teamleider Peuterwerk. Medewerkers van het COA bevestigden dat er het afgelopen half jaar veel alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV's) zijn aangekomen en maar weinig gezinnen. Op dit moment komen er echter weer gezinnen binnen, en we hebben een lijst met 8 peuters gekregen die onze medewerkers na de zomervakantie zullen bezoeken. We hopen dan ook dat we deze peuters binnenkort kunnen verwelkomen. De pedagogisch medewerkers bezoeken regelmatig het AZC om de contacten met ouders en medewerkers te onderhouden. Nieuwe ouders worden bezocht, en door middel van foto's laten ze zien wat er in de peuteropvang wordt aangeboden. De medewerkers hebben contact met de anderstalige basisschool Wereldwijs en zorgen voor een 'warme overdracht' wanneer een peuter doorstroomt naar Wereldwijs.
Peuteropvanglocatie De Schakel in Cereswijk blijft een aandachtspunt. Het afgelopen halfjaar hebben we slechts één nieuwe aanmelding ontvangen. Met 7 peuters blijft het een kleine peuteropvang, maar wel van groot belang in Cereswijk. Twee doelgroeppeuters gaan ook nog 2 dagdelen naar Peuterpalet, zodat ze in totaal 16 uur opvang krijgen. Op deze locatie willen we graag een VVE+ groep starten voor kinderen met een VVE-indicatie die daarnaast ook gedragsproblemen vertonen. Deze kinderen vragen veel aandacht en stellen hoge eisen aan de expertise van de medewerkers. Bovendien heeft hun gedrag impact op de andere kinderen in de groep. In veel gevallen hebben deze kinderen een gemiddeld ontwikkelingsniveau, maar worden hun ontwikkelingskansen belemmerd door hun gedrag en de vele prikkels in de ruimte. Door te werken met kleine groepen en de inzet van twee professionele krachten met meer expertise in gedragsproblematiek, kunnen we ruimte creëren voor de ontwikkeling van deze kinderen, zodat er weer zicht ontstaat op aansluiting bij het reguliere basisonderwijs. Door vroegtijdig te kijken naar de aanvullende behoeften van het kind en daarop te interveniëren, versterken we de kansengelijkheid en werken we aan een goede start voor elk kind. We zijn verheugd te kunnen melden dat samen met Elker (MKD) een plan is ingediend bij de gemeente voor een pilot VVE+, en aan het eind van de zomervakantie hebben we bericht gekregen dat het college akkoord is gegaan met het starten van deze pilot.
Bij Peuterpalet zitten de groepen vol en moeten kinderen soms wat langer wachten om geplaatst te worden. Er is geen ruimte voor uitbreiding. Hier hebben we ook 4 kleine VVE-groepjes met maximaal 8 peuters, waar doelgroepkinderen 2 dagdelen worden opgevangen naast de 2 dagdelen op de reguliere groep van maximaal 16 peuters. We zien dat er steeds meer VVE-indicaties binnenkomen voor doelgroeppeuters, en zowel de 4 reguliere groepen als de 4 VVE-groepjes zitten voortdurend vol.
In Hummeltjeshonk in Stadskanaal Noord hebben we het afgelopen half jaar een enorme groei gezien. Er worden meer doelgroepkinderen aangemeld, waardoor beide groepen constant vol zitten en peuters langer op de wachtlijst moeten blijven staan. De doelgroepkinderen worden verdeeld over 2 reguliere groepen, waardoor er in totaal 16 uur opvang wordt aangeboden.
We denken na over het openen van een extra groep, maar het probleem ligt bij de personele bezetting. Het is moeilijk om een volwaardige VVE-gecertificeerde kracht te vinden, terwijl dit wettelijk vereist is.
GGD
De GGD-wijkverpleegkundigen indiceren doelgroepkinderen, meestal tijdens een consult op het consultatiebureau. Opvallend is dat het afgelopen halfjaar, gemeente breed, meer indicaties zijn afgegeven dan het jaar daarvoor. Maar liefst 50% van de geplaatste peuters heeft een indicatie.
De intern begeleider heeft het afgelopen halfjaar 3 keer overleg gehad met de coördinator wijkverpleegkundige over zorgkinderen. Incidenteel is er telefonisch en per e-mail contact geweest met de betreffende wijkverpleegkundigen van zorgkinderen.
Zorgwekkend is dat steeds meer peuters extra zorg nodig hebben vanwege problematisch of bijzonder gedrag, wat de hele groep kan ontwrichten. Hoewel pedagogisch medewerkers het gedrag wel signaleren, ervaren ze vaak moeilijkheden bij het bieden van de juiste begeleiding aan deze peuters, vooral omdat er nog vijftien andere peuters in de groep zijn. Het afgelopen halfjaar hebben we dan ook 5 peuters moeten doorverwijzen naar KDC de Dolfijn. Twee peuters hebben, na hun vierde verjaardag, een verlenging gekregen voor peuteropvang, waarvan één peuter na bemiddeling van het Steunpunt Passend Onderwijs mag starten op De Meidoornschool (ZMLK). Eén peuter keert na de zomervakantie terug naar de peuteropvang omdat het nog niet duidelijk is welk type onderwijs het beste bij hem past. Bovendien zijn 2 peuters aangemeld bij Pento en 1 peuter bij Kentalis voor verder onderzoek vanwege taal- en gedragsproblematiek.
Doorgaande leerlijn
Er ligt een nieuwe versie van het convenant 'Doorgaande leerlijn van Voorschoolse naar Vroegschoolse Educatie'. Door instemming met dit convenant geven organisaties aan dat ze zich, samen met de gemeente Stadskanaal, willen inzetten voor een optimale invulling van de bepalingen zoals opgenomen in de wet 'Ontwikkelingskansen door Kwaliteit en Educatie' (wet OKE).
Om tot een naadloze doorgaande lijn te komen, is het van essentieel belang dat de werkzaamheden van de voorscholen (peuteropvang en kinderopvang) en vroegscholen (groepen 1 en 2 van het basisonderwijs) efficiënt en effectief op elkaar aansluiten. De pedagogische medewerkers zorgen, met toestemming van de ouders, voor een warme overdracht van doelgroepkinderen naar de basisschool. Van alle kinderen die doorstromen naar regulier onderwijs wordt het ontwikkelingsrapport naar de betreffende basisschool gestuurd.
Om de samenwerking en afstemming voor een vloeiende ontwikkelings- en zorglijn verder vorm te geven, is een werkgroep opgericht. De Werkgroep Doorgaande Lijn VE bestaat uit medewerkers van verschillende organisaties, waaronder:
- Scholengroep OPRON
- Scholengroep Perspectief
- Scholengroep Noorderbasis
- Scholengroep Primenius
- Stichting Peuterwerk
- Tamariki Kinderopvang
- Kinderopvang Partou
- Kinderopvang Kids First COP Groep
- Kinderdagverblijf de Boerderij.
Deze werkgroep heeft de opdracht om de afspraken in het convenant verder uit te werken en te coördineren. In februari heeft de werkgroep vergaderd en is onder andere gesproken over de doorstroming van zorgpeuters naar het basisonderwijs en over het organiseren van een workshop voor alle pedagogische medewerkers en onderbouwleerkrachten. Ook zijn er enkele agendapunten voorgesteld voor de Stuurgroep. Wat betreft de organisatie van een workshop kwam naar voren dat dit enige uitdagingen met zich meebrengt vanwege de werktijden van de medewerkers. Er staat een volgend overleg gepland voor september, waar dit onderwerp opnieuw aan bod komt. Van deze vergaderingen worden notulen gemaakt, die ook ter inzage zijn voor de stuurgroep. Helaas zijn nog niet alle partijen vertegenwoordigd; Scholengroep Noorderbasis en Kinderopvang Partou hebben zich nog niet aangesloten. De intern begeleider van Peuterwerk zal het initiatief nemen om deelnemers uit te nodigen voor een overleg en zal een agendavoorstel maken.
De intern begeleider is 2 keer aangeschoven bij de bijeenkomsten van Goede en Kansrijke Start. De intern begeleider is 2x aangeschoven bij een bijeenkomst van ‘het jonge kind’ dat georganiseerd wordt door Peuterwerk Oldambt. De teamleider is 3x aangeschoven bij het overleg Brede school Musselkanaal en 1x bij Bredeschool Cereswijk.
Voorleesproject 'Lees je me voor'
Bij sommige kinderen verloopt de taalontwikkeling minder goed. Dit kan te maken hebben met aanleg, maar ook doordat het kind weinig in aanraking komt met taal. Dit kan voorkomen doordat ouders te weinig met het kind praten of voorlezen. Een reden hiervoor kan zijn dat ouders zelf een taalachterstand hebben of niet van Nederlandse afkomst zijn en daardoor de Nederlandse taal niet goed beheersen. Wanneer ouders een laag taalniveau hebben, kan dit een grote invloed hebben op de taalontwikkeling van hun kind. Deze kinderen hebben op latere leeftijd een veel grotere kans om laaggeletterd te worden.
Om ook deze kinderen een kans te geven om hun woordenschat uit te breiden, zodat hun taalniveau wordt verhoogd en daarmee betere leerprestaties kunnen worden behaald, heeft Stichting Peuterwerk vrijwilligers ingezet die kinderen in de thuissituatie taalactiviteiten aanbieden. Een enthousiaste groep vrijwilligers gaat wekelijks bij de kinderen op bezoek en biedt taalactiviteiten aan. Het afgelopen halfjaar hebben 11 vrijwilligers voorgelezen aan 23 kinderen. Een belangrijke taak hierbij is ook om ouders erbij te betrekken door hen te stimuleren om de taalactiviteiten met hun kind uit te voeren. Een ander belangrijk doel is om problemen met taal bij ouders te signaleren en bespreekbaar te maken, en hen verder te helpen om ook hun taalniveau te verhogen. De verwachting is dat door de wekelijkse contacten en het ontstaan van een vertrouwensband dit sneller bespreekbaar te maken is met ouders. Het uitgangspunt is om taal op een zo laagdrempelige mogelijke wijze aan te bieden. Peuter- en kinderopvangorganisaties, scholen, consultatiebureaus en thuiszorgorganisaties kunnen deelnemers hiervoor aanmelden.
Een belangrijk aspect is dat de vrijwilligers ook signaleren waar extra hulp nodig is. Dit wordt dan besproken met de coördinator, die vervolgens kijkt waar de hulpvraag het beste kan worden opgepakt. De vrijwilligers komen eens in de drie maanden bij elkaar om de voortgang en knelpunten te bespreken. De taalcoördinator bereidt deze bijeenkomsten voor. Zo zijn er mooie verteltassen gemaakt waarin materialen zitten die de vrijwilligers gebruiken bij het voorlezen. Ook hebben ze verschillende taalspellen ontwikkeld die kunnen worden ingezet bij kinderen die niet van voorlezen houden, om taal op een speelse manier aan te bieden. De coördinator gaat samen met de vrijwilliger mee als zich een nieuw gezin aanmeldt. De kinderen worden aangemeld door het consultatiebureau, basisscholen of de peuteropvanglocaties.
Scholing
In het kader van de landelijke ontwikkelingen en het borgen van kwaliteit worden onze pedagogisch medewerkers regelmatig bijgeschoold. Er zijn 2 clusterbijeenkomsten geweest waarin organisatorische zaken werden besproken. In februari hebben we een kwaliteitsavond gehad over armoede en stress, verzorgd door een senior ervaringswerker in generatie armoede en sociale uitsluiting. In mei hebben we een workshop gevolgd over atypische coaching, waarin een ervaringsdeskundige heeft uitgelegd wat autisme inhoudt, hoe je het herkent en hoe je in de praktijk hiermee kunt omgaan. Beide avonden waren leerzaam.