Spring naar inhoud

“Ik zag iets gebeuren zonder dat hij iets deed”

Kristy van Oosterhout zag ooit iets bijzonders gebeuren. Ze werkte samen met een collega die ogenschijnlijk niet veel deed. Hij gaf geen opdrachten, maar liep langs bij de mensen, stelde een vraag, gaf een tip. Toch kwam er daarna iets in beweging in de wijk. “Hij werd geen eigenaar van de activiteiten, maar toch veranderde er iets,” vertelt Kristy. Dat vond ze heel bijzonder. De collega bleek opbouwwerker te zijn.

Gebruik wat past bij de situatie

Kristy volgde de leergang Samenlevingsopbouw van NHL Stenden. Ze leerde methodisch werken. “Mijn rugzak zit vol theorie en voorbeelden,” zegt ze. “Maar ik gebruik alleen wat past bij de situatie.”

De basis is de presentiebenadering: echt aanwezig zijn in de wijk. Geen spreekuren of formulieren, maar gewoon contact. Weten wie waar woont, wat mensen nodig hebben. Ook als ze dat zelf nog niet goed kunnen zeggen. Daarbij sluit de ABCD-aanpak goed aan. Dit is een aanpak die zich richt op het herkennen, waarderen en verbinden van talent, kennis, initiatieven, netwerken en middelen die al in de gemeenschap aanwezig zijn.

Een goed voorbeeld is de wijk De Gagels in Steenwijk. Daar werd een optrommelactie gehouden: een actie waarbij bewoners hun ideeën voor de wijk op papier zetten. Zo ontstond de groep ‘Omzien naar elkaar’. De bewoners organiseren nu samen activiteiten zoals een maandelijkse koffieochtend, samen eten, een wijkkrant en een popup-huiskamer.

Door dat trommeltje heb ik mijn leven terug

Eén vrouw vertelde dat ze haar man had verloren en nog nauwelijks buiten kwam. Maar dankzij de optrommelactie werd ze weer actief. Ze begon een koffieochtend, regelde een sponsoractie bij Albert Heijn en werd vrijwilliger bij de Zonnebloem. “Door dat trommeltje heb ik mijn leven terug,” zei ze.

Van ervaring naar inspiratie

Kristy wil haar ervaring graag delen. Jonge collega’s komen bij haar voor advies. Ze vertelt haar verhalen op LinkedIn, op Tintranet, of gewoon tijdens een kop koffie.  “Het beste is om een dag mee te lopen. Je moet voelen wat het met je doet.” Doordat ze nauw met het buurtmaatschappelijk werk optrekt, leren ze elkaars werkwijzen steeds beter kennen. De onderlinge samenwerking wordt steeds beter. Dit komt uiteindelijk ten goede aan de inwoners van de wijk.

Voor de eindopdracht van haar opleiding organiseerde Kristy samen met haar medestudenten een festival waar iedereen liet zien waar hij of zij mee bezig was. Ze nam een collega mee, een maatschappelijk werker die moeite had met het begrijpen van haar werk. Maar na afloop kwam die vol enthousiasme terug op kantoor: “Ik begin nu echt te snappen wat jullie doen!”.

Niet vrijblijvend

Je moet goed aanvoelen wanneer je iets moet doen en wanneer juist niet. Kristy vindt het belangrijk dat mensen zélf een plan maken en de koers bepalen. Want als mensen vanuit hun eigen motivatie ergens aan werken, blijft het ook echt van hen. Het eigenaarschap ligt bij de bewoners zelf. Dat geeft hun een goed gevoel, en Kristy ook. “Het mooiste is: als ik wegga, gaat het gewoon door. Het stopt niet omdat ik er niet meer bij ben.”