Spring naar inhoud

Overige inzet

Onder overige inzet valt de inzet die we vanuit andere gelden doen dan de reguliere opdracht. Met deze middelen kunnen we inzet doen in de verbinding tussen sociaal werk en onderwijs. 

Opstapje

Opstapje

Uit het regiobeeld blijkt dat één op de vijf inwoners van de Noordoostpolder een taalachterstand heeft. Daarom richten we ons met de subsidie Sociale Leefbaarheid op een zo vroeg mogelijke ondersteuning van gezinnen waarin een kind een taal- of ontwikkelingsachterstand heeft. Vaak gaat het daarbij om gezinnen met een lage sociaaleconomische status (SES), die we zo actief en laagdrempelig mogelijk begeleiden.

Ieder kind met een taal- of ontwikkelingsachterstand kan worden aangemeld voor de stappenprogramma’s Opstapje en Opstap. Dit zijn gezinsgerichte programma’s, waarbij we ons richten op het hele gezin en het stimuleren van de brede ontwikkeling van het kind centraal staat.

Opstapje richt zich op kinderen van 2 tot 4 jaar en hun gezin. Het doel is om een betere aansluiting op de basisschool te bevorderen. Om dit te bereiken richt het programma zich enerzijds op het stimuleren van de ontwikkeling van het kind en anderzijds op het versterken van de vaardigheden van ouders om hun kind te ondersteunen en te stimuleren in zijn of haar ontwikkeling. We komen wekelijks bij het gezin thuis. Tijdens het huisbezoek geven we instructie over de werkvormen en informatie over de ontwikkeling van het kind. Daarnaast stimuleren we ouders om hun kind in te schrijven bij de peuterspeelzaal.

Opstap richt zich op 4- tot 6-jarige kinderen en hun gezin. Het doel is om de onderwijskansen van deze kinderen te vergroten door ouders gedurende twee jaar minimaal twee keer per week activiteiten met hun kind te laten uitvoeren die de ontwikkeling stimuleren. Ouders krijgen eens per twee weken instructie tijdens een huisbezoek.

Het hele gezin telt mee. Dat betekent dat we ook vragen over een broer of zus beantwoorden en andere hulpvragen van ouders oppakken. We signaleren deze vragen en zetten ze waar nodig door naar bijvoorbeeld het jongerenwerk, de buurtsportcoach of mantelzorgondersteuning. Intern werken we nauw samen met de nanny’s en brugfunctionarissen. Extern verwijzen we door naar organisaties zoals Humanitas (hulp bij het invullen van formulieren) en de bibliotheek.

Ons bereik

Informatie en advies 

116 vragen

Individuele trajecten 

76 trajecten

Collectieve trajecten

7 bijeenkomsten

Collectieve trajecten

48 deelnemers

Individueel

De primaire inzet van Opstapje zijn de individuele trajecten. De individuele trajecten van Opstap en Opstapje zijn langlopende trajecten van 2 jaar waarbij er wekelijks of tweewekelijks een huisbezoek plaatsvindt. 

Top 3 ZRM:

De drie thema’s waarover de meeste vragen behandeld zijn: sociaal-emotionele ondersteuning, ouderschap, financiën en maatschappelijke participatie.

Collectief

Tijdens de huisbezoeken stimuleren we ouders om deel te nemen aan collectieve bijeenkomsten die binnen het netwerk worden georganiseerd. We verwijzen hierbij regelmatig naar activiteiten in de bibliotheek en naar het mamacafé en playdates in de gemeente Noordoostpolder. Daarnaast wijzen we ouders ook op activiteiten die door de brugfunctionarissen op scholen worden aangeboden.

Wanneer er een vraag of signaal naar voren komt waarvoor nog geen passend aanbod bestaat, nemen we zelf het initiatief om hierop in te spelen. In het afgelopen jaar hebben we verschillende initiatieven opgezet voor de gezinnen die we individueel ondersteunen. Vier van deze initiatieven zijn beëindigd, omdat hiervoor uiteindelijk onvoldoende draagvlak bleek te zijn. Hieronder staat twee initiatieven als voorbeeld beschreven. 

Kledingruilbeurs
Na een geslaagde ruilbeurs in 2024 hebben we ook in 2025 samen met inwoners een kledingruilbeurs georganiseerd. Ook dit jaar werd de activiteit ondersteund door vrijwilligers van het AZC. 

"Ik wil wel vaker helpen, zo fijn! Ik voel me eenzaam op het AZC. Het was heel erg leuk om te doen."

Door de praktische ondersteuning van vrijwilligers had de medewerker van Opstapje de gelegenheid om tijdens de activiteit in gesprek te gaan met 30 aanwezige ouders. De bezoekers waren zeer tevreden over dit initiatief. Ze vonden het een goed initiatief, gezellig en nuttig.

"Het is fijn om elkaar te helpen en samen verspilling te voorkomen."

Week van de Opvoeding
Tijdens de week van de opvoeding hebben we samen met de nanny twee bijeenkomsten in de bibliotheek georganiseerd. Bij deze bijeenkomsten staan ontmoeting en voorlezen centraal. Daarnaast bieden deze activiteiten de mogelijkheid voor ouders om laagdrempelig informatie en advies te vragen aan zowel de nanny als de medewerker van Opstapje. 

"Wanneer zijn jullie er weer? Het was heel gezellig!"

Praktijkvoorbeeld: doorontwikkeling van materiaal

Waar we voorheen werkten met gekopieerde werkbladen, hebben we het afgelopen jaar geïnvesteerd in nieuwe materialen die horen bij de stappenprogramma’s. Deze materialen zijn opgebouwd rond vijf centrale vuistregels: kijk en luister naar je kind, volg je kind, praat met je kind, moedig je kind aan en bied je kind structuur.

Ieder gezin wordt begeleid met een werkboekje dat bij het gezin thuis blijft. Dit werkboekje is een praktisch hulpmiddel voor ouders en maakt zichtbaar wat er tijdens de begeleiding wordt gedaan en hoe ouders hier gedurende de week zelf mee verder kunnen. Bij elk nieuw blok ontvangen gezinnen nieuwe werkbladen, zodat zij stap voor stap worden meegenomen in het programma.

Daarnaast is er een digitale omgeving die onderdeel is van de methodiek. In deze omgeving staan spelletjes en voorleesboeken die aansluiten bij de ontwikkeling van het kind en de ondersteuningsbehoefte van het gezin. Gezinnen ontvangen een persoonlijke inlogcode waarmee zij toegang krijgen tot deze omgeving. Zo kunnen leren en ontwikkelen ook thuis op een speelse en laagdrempelige manier doorgaan.

Met dit nieuwe materiaal krijgen ouders meer handvatten om hun kind spelenderwijs te ondersteuning in de ontwikkeling. 

Brugfunctionaris

De brugfunctionaris bevordert de samenwerking tussen de leerkrachten van de basisschool, het kind en de ouders. De korte lijnen helpen om belemmeringen voor de ontwikkelingen van de kinderen vroeg te signaleren en er iets aan te doen. We zijn onderdeel van het onderwijsteam. Met onze inzet brengen we de kracht van het welzijnswerk in bij het terugdringen en voorkomen van sociale en onderwijsachterstanden. Zo draagt onze inzet bij aan gelijke kansen voor ieder kind.

De inzet van de brugfunctionaris is samen met scholengemeenschap AVES bepaald, op basis van data (taalachterstand en Sociaal Economische Status) en signalen. Opgroeien in armoede betekent dat een kind al 1-0 achterstaat, maar opgroeien in armoede met een taalachterstand betekent al 2-0 achter. 

Iedere brugfunctionaris is gekoppeld aan een eigen school. Per school wordt de inzet van de brugfunctionaris in afstemming met de directie en intern begeleider bepaald op basis van behoefte en signalen. We nemen de tijd om een vertrouwensband op te bouwen met ouders en kinderen. Waar nodig komen we bij gezinnen thuis, maar we spreken ook op school af. We helpen kinderen en ouders de stap te laten zetten naar activiteiten en voorzieningen in de buurt. De brugfunctionaris is een verbinder: waar signalen en vragen vaker voorkomen, ontwikkelen we collectieve inzet. Wanneer signalen vragen om een bredere inzet, betrekken we onze collega’s of andere samenwerkingspartners.

Ons bereik

Informatie en advies

637 vragen

Individuele trajecten

25 trajecten

Collectieve inzet

88 bijeenkomsten

Collectieve inzet

1.456 deelnemers

Dit jaar is de inzet van de brugfunctionaris duidelijk zichtbaarder geworden op de basisscholen. Zowel ouders als scholen weten ons steeds beter te vinden. Deze versterkte zichtbaarheid zien we terug in een toename van het aantal bereikte inwoners, zowel binnen de individuele begeleiding als in de collectieve inzet. Vanuit onze verbindende rol fungeren we steeds vaker als spil tussen school, ouders en netwerkpartners, waardoor ondersteuning sneller en passender kan worden ingezet.

Individueel

De meeste vragen die bij ons binnenkomen, kunnen we direct beantwoorden of doorverwijzen. Dit jaar zien we een toename van vragen op het gebied van financiën, bijvoorbeeld bij het aanvragen van regelingen zoals het Meedoenfonds of Stichting Leergeld. Voor andere vragen verwijzen we intern door: naar de Nanny voor opvoedondersteuning, naar Opstapje bij ontwikkelingsvragen, en naar maatschappelijk werk wanneer het gaat om complexe casuïstiek met hulpvragen op meerdere levensdomeinen. Ook extern verwijzen we door naar partners zoals de bibliotheek, Humanitas en de gemeente, maar ook naar sportverenigingen en het zwembad

Op verschillende scholen brengen we nieuwe gezinnen een huisbezoek. Dit is erg waardevol, omdat het ons op een laagdrempelige manier in contact brengt met het gezin en zicht geeft op de thuissituatie. Tijdens deze gesprekken krijgen we niet alleen een goed beeld van het kind, maar ook van de omgeving waarin het opgroeit. Op deze manier kunnen we vaak preventief ondersteuning bieden bij vragen en ouders actief warm doorverwijzen naar de collectieve activiteiten en inzet die we op de scholen organiseren, zodat we laagdrempelig contact blijven houden.

ZRM top 3:

De drie thema’s waarover de meeste vragen behandeld zijn: Sociaal Emotionele Ondersteuning Ouderschap, financiën en maatschappelijke participatie. 
Dit jaar is er een stijgend aantal vragen over financiën opgepakt. Het is waardevol om gezinnen te kunnen ondersteunen door hen door te verwijzen naar de passende regelingen. Omdat we waar mogelijk ook collectief aanbod willen bieden, is op twee scholen de koppeling gelegd met Actie Pepernoot (zie ook de tijdlijn).

Collectief

Waar op een school meerdere vragen worden gesignaleerd, proberen we deze collectief op te pakken. Hierbij richten we ons op ouders, kinderen en leerkrachten.

Op iedere school worden laagdrempelige ontmoetingsmomenten georganiseerd, zoals koffieochtenden, taallessen en wandelmomenten. Tijdens deze bijeenkomsten komen ouders met elkaar en met de brugfunctionaris in contact. Het gaat hierbij niet altijd om aantallen, maar vooral om de gesprekken en verbindingen die ontstaan. Het is mooi om te zien dat het netwerk van ouders hierdoor groeit en zij elkaar beter leren kennen. De rol van de brugfunctionaris is hierin verbinder, informatie- en adviespunt en degene die signalen oppakt en de zelfredzaamheid van ouders stimuleert.

Kansengelijkheid is een terugkerend thema op de scholen. Met onze inzet proberen we zowel preventief als positief kansen te creëren en gelijkheid te bevorderen. Dit jaar zijn bijvoorbeeld op verschillende scholen kledingruilbeurzen georganiseerd. Samen met de beweegcoaches is er op meerdere scholen een naschools beweegaanbod opgezet in samenwerking met sportverenigingen. De beweegcoaches leggen hierbij de verbinding met de sportverenigingen, terwijl de brugfunctionaris zich richt op het contact met ouders: wat heeft het kind nodig om blijvend te sporten? Waar mogelijk helpt de brugfunctionaris barrières weg te nemen, bijvoorbeeld door ouders te ondersteunen bij het aanvragen van regelingen waarop ze recht hebben.

Doorontwikkeling van onze methodische werkwijze

Dit jaar hebben we onze rol, positie en werkwijze verder verdiept en bestendigd, waardoor we op alle scholen volgens een vaste, doorontwikkelde cyclus werken. Aan het begin van het schooljaar stellen we samen met de directie en intern begeleider een plan van aanpak op, waarin de gewenste inzet en de doelen voor het jaar worden vastgelegd. Gedurende het jaar vinden evaluatiemomenten plaats om de voortgang te bespreken en waar nodig de doelen bij te stellen. Op deze manier kunnen we methodisch handelen, kwaliteit waarborgen en tegelijkertijd maatwerk per school bieden.

Praktijkvoorbeeld: samen tegen eenzaamheid

Tijdens de Week tegen Eenzaamheid ging een brugfunctionaris de klassen langs met een speciale opdracht. Leerlingen werden uitgenodigd om stil te staan bij het thema eenzaamheid en na te denken over iemand in hun omgeving die zich weleens eenzaam voelt. Dit konden zij ook thuis bespreken.

Voor deze persoon mochten de leerlingen een kaartje maken of een boodschap schrijven om te laten weten dat er aan hen gedacht wordt. Wisten zij niemand? Dan konden de kaartjes worden ingeleverd en zorgden wij dat ze alsnog op de juiste plek terechtkwamen.

Met deze actie lieten we zien dat niemand er alleen voor staat en hoe belangrijk, en tegelijk hoe eenvoudig, het is om naar elkaar om te kijken. Zo verbindt een brugfunctionaris niet alleen school en ouders, maar ook school en maatschappelijke thema’s.

Praktijkvoorbeeld: collectieve inzet waar ouderparticipatie en gezonde voeding samenkomen

Met ‘Samen soep op vrijdag’ is een voorbeeld van collectieve inzet waarbij de brugfunctionaris een laagdrempelig aanbod initieert dat gericht is op verbinding tussen kind, ouder(s) en school. ‘Samen soep op vrijdag’ is een ontmoetingsreeks die ouders en kinderen met elkaar in contact brengt. Het initiatief vond afgelopen najaar zeven keer plaats op basisschool De Kring.

Door samen met ouders soep te bereiden en familierecepten te delen, ontstond een warme en informele sfeer waarin ontmoeting, gesprek en verbinding centraal stonden. Per keer bereikten we ongeveer 140 leerlingen.

Kinderen spraken enthousiast over de activiteit en vertelden thuis dat het maken en eten van soep het leukste onderdeel van de dag was. Sommige kinderen vroegen zelfs of het recept via Parro gedeeld kon worden, zodat zij de soep thuis ook konden maken. Ouders werden actief betrokken door hun talenten en recepten in te zetten, wat het vertrouwen en de betrokkenheid bij school versterkte.

Kersteditie
Omdat de activiteit zo’n groot succes was, werd het jaar afgesloten met een kersteditie. Twee moeders kookten soep voor alle leerlingen en geïnteresseerde ouders, wat ruim 200 deelnemers trok.