Spring naar inhoud

Sociaal Werk

Hoewel de term "sociaal werk" vaak verwijst naar een bredere beroepsgroep, wordt in deze context bedoeld het werk in buurten dat gericht is op laagdrempelige ondersteuning in het dagelijks leven, zoals gebruikt door de gemeente Noordoostpolder.

Opbouwwerk

Opbouwwerk

Met de inzet van de opbouwwerkers bevorderen we de sociale inclusie en cohesie in Emmeloord en de 10 dorpen van de Noordoostpolder. De opbouwwerkers zijn aanwezig in de wijk of het dorp, waardoor ze de inwoners goed kennen en inzicht hebben in de kansen en uitdagingen die er spelen. Door daar te zijn waar inwoners zijn, stimuleren en faciliteren ze bewonersparticipatie, vrijwilligersorganisaties en ketenpartners.

De opbouwwerkers maken gebruik van bestaande voorzieningen in de dorpen en wijken of bouwen waar nodig mee aan nieuwe voorzieningen die een sterke sociale basis bevorderen.

Door hun kennis en expertise zijn de opbouwwerkers waardevolle partners in veel verschillende netwerkoverleggen. De opbouwwerkers signaleren zowel individuele als collectieve ondersteuningsbehoeften en verwijzen door naar interne collega’s, zoals de nanny’s, onafhankelijke cliëntondersteuning, mantelzorgondersteuning en het Vrijwilliger Informatie Punt. Waar het gaat om jongeren trekken we samen op met de jongerenwerkers. Waar het gaat om bewegen trekken we samen op met de beweegcoaches. 

Ons bereik

Informatie en advies

456 vragen

Collectieve inzet

35 bijeenkomsten

Collectieve inzet

1.131 deelnemers

Hulp bij zelforganistie

68 initiatieven

Hulp bij zelforganisatie

1.130 inwoners

Individueel

Onze individuele ondersteuning bestond dit jaar uit kortdurende ondersteuning, waarbij we in één of twee gesprekken informatie en advies gaven of de vraag doorverwezen hebben naar de juiste ondersteuning, intern en extern. Veel van deze vragen en signalen komen tot ons door middel van onze collectieve inzet. 

Collectief

Onze werkzaamheden richten zich op drie typen inzet: eigen activiteiten, ondersteuning bij zelforganisatie en aanwezigheid bij netwerkoverleggen. Door deze drie typen inzet signaleren we knelpunten, versterken we initiatieven van inwoners en bevorderen we structurele samenwerking in de wijk.

Eigen activiteiten
We zijn zichtbaar in de wijk en verbinden signalen uit de praktijk aan kansen op verschillende thema’s. Dit doen we via activiteiten en door actief in gesprek te gaan met inwoners om te horen wat er speelt en waar kansen liggen. We hebben dit jaar bewust ingezet om te werken vanuit de ABDC-werkwijze. Door deze inzet vanuit ABCD worden bewoners gehoord, hun signalen en krachten opgepakt en ontstaat er meer verbinding en betrokkenheid in de wijk. De opbouwwerkers spelen hierin een belangrijke rol als verbinder, ondersteuner, gever van informatie en advies en versterker van eigen mogelijkheden. Hieronder is een praktijkvoorbeeld te lezen van deze inzet en de opbrengsten hiervan. 

Ondersteuning bij zelforganisatie
Een belangrijk deel van ons werk bestaat uit het verder helpen van ideeën van inwoners of organisaties. Wanneer zij een goed idee hebben voor de wijk, ondersteunen wij bij het omzetten van dat idee naar een concreet initiatief. De rol die wij hierbij innemen, hangt af van de fase van het initiatief, maar vaak fungeren wij als verbinder en ondersteuner, zodat de inwoner of organisatie zelf regie houdt. Het initiatief blijft altijd van hen. Zie het praktijkvoorbeeld hieronder voor een concreet voorbeeld.

Aanwezig bij netwerkoverleggen
We zijn aanwezig bij netwerkbijeenkomsten om de aanwezige krachten te benoemen, knelpunten en terugkerende thema’s te signaleren, advies te geven en partijen met elkaar te verbinden. Zo bevorderen we samenwerking en zorgen we dat initiatieven daadwerkelijk gerealiseerd worden.

Praktijkvoorbeeld: verbinding en kracht in de Barkstraat

Vanaf de zomer waren we vijf keer aanwezig in de Barkstraat om met inwoners in gesprek te gaan, volgens de ABCD-werkwijze. Daarbij richten we ons op de kracht en mogelijkheden van bewoners en kijken we samen hoe zij kunnen bijdragen aan een sterke en leefbare wijk.

We spraken inwoners die het prettig vinden om in de wijk te wonen, onder andere vanwege de betaalbare woningen. Tegelijkertijd hoorden we ook zorgen over de leefbaarheid en de sociale samenhang. Een bewoner die al jaren een tuintje in de straat onderhoudt, vertelde bijvoorbeeld dat het vroeger erg gezellig was: mensen maakten een praatje en voelden zich gewaardeerd. Inmiddels is dat minder vanzelfsprekend en spelen er ook uitdagingen zoals verwaarlozing, sociale problematiek en frustratie richting de woningbouwvereniging.

Onze aanpak was erop gericht inwoners in hun kracht te zetten. We spraken hen aan op hun positieve inzet en moedigden hen aan om signalen en ideeën ook zelf te delen met de woningbouwvereniging of gemeente. Dit vergrootte hun regie en zorgde ervoor dat vragen werden beantwoord in plaats van dat aannames ontstonden. Zo nam een bewoner contact op met de woningbouwvereniging en voelde hij zich serieus genomen. Hij kreeg duidelijke informatie over de nieuwbouwplannen, wat zorgde voor meer overzicht en vertrouwen.

Aan het einde van het jaar organiseerden we een klein wijkinitiatief: een uitnodiging voor een kop soep of koffie voor de straat en directe omgeving. Ondanks de kou kwamen tien inwoners langs. Er ontstonden mooie gesprekken, er werd soep gebracht bij een oudere bewoner en de reacties waren positief.

Inwoners waardeerden de ondersteuning van de opbouwwerkers en gaven aan dat het fijn is dat er aandacht is voor de straat en de onderlinge verbinding.

Fijn dat jullie vanuit Carrefour hier aandacht aan geven.”
“Mooi initiatief, contact met naaste buren is goed.”

Ook online was er enthousiasme. Via Facebook gaven inwoners aan graag samen activiteiten in de straat te willen organiseren.

Praktijkvoorbeeld: soms begint opbouwwerk met iets kleins

Soms begint opbouwwerk met iets kleins: een signaal, een gesprek of een kop koffie.

Zo ontstond in Emmeloord het contact met Lisan, een inwoonster met een lichamelijke beperking die zich al langere tijd inzet voor betere toegankelijkheid in de Noordoostpolder. Ze voelde zich hierin vaak niet goed gehoord. In dat eerste gesprek ontstond een eenvoudige gedachte: wat als je dit niet alleen hoeft te doen?

Vanuit dat idee is gezocht naar andere inwoners met dezelfde ervaring en motivatie. In 2024 vormde zich een groep van zeven mensen. Samen kozen zij hun focus: niet het brede thema inclusie, maar heel concreet fysieke toegankelijkheid. Zo ontstond het Toegankelijkheidspanel Noordoostpolder.

De rol van het opbouwwerk lag in deze fase vooral in het verbinden: medestanders vinden, gesprekken begeleiden, helpen bij het vormen van een gezamenlijke koers en zorgen dat iedereen vanuit eigen kracht kon bijdragen. Samen met partners werd ook een bijeenkomst georganiseerd, Blikopener in het theater, waar het panel zich kon presenteren aan de Noordoostpolder.

In 2025 groeide het panel door naar tien leden en verschoof onze ondersteuning steeds meer naar de achtergrond. Het panel werd zichtbaarder, wist beter wat het wel en niet wilde doen en maakte steeds zelfstandiger keuzes in vragen en samenwerkingen. De rol van het opbouwwerk veranderde mee: van opstarten en begeleiden naar meedenken, spiegelen en het proces bewaken.

In tweeënhalf jaar tijd groeide een individuele vraag uit tot een zelfstandig inwonerspanel dat zich inzet voor toegankelijkheid in de gemeente. In 2026 ligt de focus op verdere zelfstandigheid en het vinden van een passende rechtsvorm, zodat het panel ook zelf projecten kan initiëren en financieren. Dit laat zien wat opbouwwerk kan doen: mensen samenbrengen, beweging op gang brengen en daarna stap voor stap ruimte maken, zodat inwoners het zelf dragen.

Buurtbemiddeling

Buurtbemiddeling

De aanpak van buurtbemiddeling speelt een belangrijke rol in de leefbaarheid in buurten en dorpen. Buurtbewoners blijven met elkaar in gesprek om samen oplossingen te zoeken voor dreigende conflicten, waardoor complexere situaties zoveel mogelijk worden voorkomen.  Buurtbemiddeling wordt gezamenlijk gefinancierd door de gemeente Noordoostpolder en woningcorporatie Mercatus.

Ons bereik

Aantal aanvragen

73 casussen

Behandeld door buurtbemiddeling

55 casussen

Opgelost door buurtbemiddeling

43 casussen

Opgelost door buurtbemiddeling

78,2 procent

Wanneer we een aanvraag krijgen voor buurtbemiddeling, vindt er een intake plaats. Tijdens de intake wordt getoetst of een casus geschikt is voor een buurtbemiddelingstraject.

Deze intake wordt gedaan door de coördinator buurtbemiddeling; dit is een professional in dienst bij Carrefour. Ongeschikte casussen worden teruggelegd bij de aanvrager of verder doorverwezen.

Geschoolde vrijwilligers

Het bemiddelingstraject wordt uitgevoerd door 15 geschoolde vrijwilligers van Carrefour. 

Om de kwaliteit van de buurtbemiddelaars te waarborgen, wordt er ieder jaar een verdiepingstraining aangeboden. Naast deze verdiepingstraining hebben alle bemiddelaars dit jaar ook deelgenomen aan een regiodag voor vrijwillige bemiddelaars. 

“Door anders te kijken, kunnen we meer zien”
Verwijzingen naar buurtbemiddeling

In 48 gevallen meldt de inwoner zichzelf aan voor een traject, al dan niet op advies van een instantie. Opvallend is dat de gemeente dit jaar ook veel doorverwijzingen heeft gedaan naar buurtbemiddeling (10 casussen). Mercatus (10) en politie (5) zijn de andere twee grote verwijzers. 

Preventief in gesprek

Buurtbemiddeling is het meest effectief wanneer het vroeg wordt ingezet. Om inwoners preventief te ondersteunen, zijn afgelopen jaar speciale ansichtkaartjes ontwikkeld. Deze maken buurtbemiddeling zichtbaar en nodigen uit om het gesprek tussen buren laagdrempelig en vriendelijk te voeren, waardoor kleine irritaties niet uitgroeien tot grotere conflicten.

De kaartjes zijn gratis op te halen bij Carrefour, liggen bij de bibliotheek en worden door Mercatus meegegeven aan nieuwe bewoners. Zo draagt buurtbemiddeling bij aan verbinding, open communicatie en het voorkomen van conflicten in de buurt.

Verhouding huur/koopwoningen

Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:

soort woning aantal
huur-huurwoning 47
huur-koopwoning 3
koop-koopwoning 23
Deelname aan regionale bijeenkomsten

Er hebben 4 regionale bijeenkomsten plaatsgevonden voor de coördinatoren buurtbemiddeling. Tijdens deze bijeenkomsten worden signalen en trends besproken met andere coördinatoren buurtbemiddeling vanuit andere gemeenten. Daarnaast hebben alle vrijwillige bemiddelaars deelgenomen aan een regiodag.

Praktijkvoorbeeld: buurtbemiddeling door de ogen van een vrijwilliger

Vrijwilligers die starten met buurtbemiddeling hebben vaak nog geen volledig beeld van wat hen te wachten staat. Pas in de praktijk wordt zichtbaar hoeveel buren met elkaar in conflict kunnen raken en hoe ingewikkeld, maar ook hoe waardevol het is om daar als onafhankelijke derde tussen te staan. Het werk vraagt luisteren, geduld en het vermogen om ruimte te maken voor beide kanten van het verhaal.

In veel gevallen lukt het om samen met bewoners afspraken te maken waar iedereen zich in kan vinden. Dat leidt tot meer rust in de buurt en herstel van onderlinge relaties. Maar ook wanneer een traject niet eindigt met concrete afspraken, blijkt de inzet niet voor niets. Het gesprek zelf zorgt vaak al voor meer begrip, minder wantrouwen en een afname van spanningen. Bewoners voelen zich gehoord en gezien, wat de basis kan zijn voor een andere manier van omgaan met elkaar.

Ook voor vrijwilligers zelf heeft dit werk veel betekenis. Het geeft een gevoel van maatschappelijke betrokkenheid en biedt de mogelijkheid om samen te werken met andere gemotiveerde vrijwilligers. Het gezamenlijke doel, bijdragen aan prettig samenleven in de buurt, zorgt voor sterke onderlinge verbondenheid en waardevolle ervaringen.

Na verloop van tijd kiezen sommige vrijwilligers ervoor om hun rol over te dragen aan nieuwe collega’s, zoals Brand van der Pol. Hij zette zich tien jaar in als buurtbemiddelaar. Hij stopte niet uit gebrek aan motivatie, maar vanuit het besef dat continuïteit vraagt om vernieuwing en nieuwe energie.

Dit voorbeeld laat zien dat buurtbemiddeling op meerdere niveaus impact heeft: het vermindert spanningen tussen bewoners, versterkt het gevoel van veiligheid en verbondenheid in wijken en biedt vrijwilligers de kans om actief bij te dragen aan een samenleving waarin mensen naar elkaar blijven luisteren.