Spring naar inhoud

werken vanuit vertrouwen en samenhang

De besturingsfilosofie dichtbij de praktijk van sociaal werk

Werken vanuit vertrouwen en samenhang

De besturingsfilosofie dichtbij de praktijk van sociaal werk

Een voorbeeld uit de praktijk: Twee sociaal werkers hebben net de wijk bezocht. Ze voerden gesprekken met inwoners, pikten signalen op en maakten afspraken. Samen bespreken ze wie wat oppakt en waar extra aandacht nodig is. Dan maken ze een stap verder. Het gaat niet meer alleen over de dagelijkse praktijk, maar ook over iets dat misschien in eerste instantie theoretisch of bestuurlijk klinkt: de besturingsfilosofie.

Juist wel, zeggen Karel van Berkel en Anu Manickam. “De besturingsfilosofie gaat over hoe je werkt. Over ruimte krijgen om te doen wat nodig is, in plaats van wat ooit bedacht is. Over vertrouwen en vakmanschap.” Ze benoemen situaties die iedere sociaal werker herkent. De inwoner die niet alleen, maar samen met anderen verder komt. De samenwerking die pas echt op gang komt als iemand initiatief neemt. Of dat moment waarop je voelt dat je even buiten de lijntjes moet kleuren. Precies daar moet de organisatie ondersteunen, niet belemmeren.

“Het versterken van het zelforganisatievermogen van mensen en gemeenschappen is essentieel.” benadrukt Karel. Het gaat om richting én vertrouwen. Dat blijft niet binnen de organisatie: ook samenwerkingspartners merken het verschil. Uiteindelijk moet het zichtbaar zijn bij inwoners zelf. Soms in kleine dingen: een gesprek dat iets langer duurt, een oplossing die beter past, of iemand die zich echt gezien voelt.

Karel van Berkel en Anu Manickam

Waarom deze stap nu nodig is

De vraag waarom de besturingsfilosofie juist nu wordt herijkt, is volgens Karel en Anu eenvoudig te beantwoorden: de wereld is veranderd. “Zeker na corona is duidelijk geworden dat alles complexer is,” zegt Anu. “Je ziet het terug in armoede, gezondheid en veiligheid. Iedereen praat erover, maar echte antwoorden zijn vaak nog niet gevonden.” Vraagstukken hangen steeds meer met elkaar samen. Armoede raakt aan gezondheid, onderwijs, werk en wonen. Wie één aspect bekijkt mist het grotere geheel.

Tegelijkertijd groeit Tintengroep en verandert de omgeving. Gemeenten organiseren zich anders, regio’s ontwikkelen zich en maatschappelijke vraagstukken worden urgenter. “Er is een collectief besef dat het anders moet,” zegt Anu. “En Tintengroep was daar eigenlijk al mee bezig.”

Volgens Karel en Anu sluit deze ontwikkeling aan bij een bredere beweging die zij omschrijven als een ‘grote systeemwissel’. “Het idee dat we alles kunnen organiseren vanuit efficiëntie en controle werkt niet meer,” zegt Karel. “We moeten terug naar aandacht voor de gemeenschap en voor wat we samen nodig hebben.” Juist daar ligt de kracht van sociaal werk. “Jullie werken al lang zo,” zegt Anu. “Daarom herkennen mensen het ook.” De herijkte besturingsfilosofie is dan ook een logische volgende stap. En misschien ook een uitnodiging aan anderen.

De praktijk als vertrekpunt

Tintengroep werkt al langer met een besturingsfilosofie, gebaseerd op de CAS-denkwijze (Complex Adaptief Systeem). Een CAS is een netwerk van elementen die voortdurend in wisselwerking staan. Het reageert op veranderingen, leert van ervaringen en past zich aan. “Het is nooit statisch,” zegt Anu. “Elke verandering heeft invloed op het geheel, maar creëert ook nieuwe mogelijkheden.” Zo’n systeem vraagt om overzicht én flexibiliteit: kaders waar nodig, ruimte waar het kan. Juist die combinatie maakt het mogelijk om met complexiteit om te gaan en te blijven ontwikkelen. De herijking van de besturingsfilosofie is daarom niet iets dat ‘van bovenaf’ kan worden opgelegd. Het vraagt aandacht, gesprekken en ruimte voor kritische vragen. Wat Karel en Anu opvalt: veel van wat in de filosofie wordt beschreven gebeurt al in de praktijk. “Als wij iets uitleggen horen we vaak: zo werken wij al,” zegt Anu. “Er is veel herkenning.” Dat is logisch. Sociaal werkers bewegen zich dagelijks in complexiteit. Ze verbinden inwoners, signaleren problemen, zoeken samenwerking en bewegen mee met wat nodig is. “Ze zijn de radar,” zegt Karel. “Zij zien hoe breed een probleem is.”

Kijken naar samenhang

Een belangrijk uitgangspunt van de besturingsfilosofie is anders kijken naar problemen: niet als losse onderdelen, maar in samenhang. Karel illustreert dit met het voorbeeld van obesitas. “Dat lijkt een gezondheidsprobleem, maar het heeft te maken met armoede, voedselaanbod, opvoeding en marketing. Het is een heel ecosysteem.” Dat betekent ook dat oplossingen niet uit één hoek kunnen komen. Ze vragen samenwerking tussen verschillende partijen én betrokkenheid van bewoners zelf. “Waar iedereen vroeger vanuit zijn eigen stukje werkte, werk je nu samen aan een nieuw geheel.” 

Richting en ruimte in balans

De besturingsfilosofie rust op twee systemen die naast elkaar bestaan: een beheersysteem en een flexibel systeem. Het beheersysteem zorgt voor structuur en stabiliteit. Denk aan Salarisadministratie, Privacy en Kwaliteit: alles wat nodig is voor een gezonde organisatie. Het flexibele systeem richt zich op leren, experimenteren en inspelen op veranderingen. “Je hebt beide nodig,” zegt Karel. “Het één houdt de basis op orde, het ander maakt ontwikkeling mogelijk.” Anu vult aan: “Het is die combinatie die sociaal werkers ondersteunt. Ze hebben kaders, maar ook de ruimte om oplossingen te vinden die passen bij inwoners en de gemeenschap. ”Binnen dat flexibele systeem zijn nu een beperkt aantal spelregels geformuleerd. Geen uitgebreide protocollen, maar duidelijke uitgangspunten. “Je kunt niet alles beheersen,” zegt Karel. “En als je voor elk probleem een regel maakt word je daar gek van.” Hij vergelijkt het met verkeer in Hanoi: “Het lijkt chaotisch, maar er zijn een paar regels die iedereen kent. Zoek je weg, bots niet en laat van je horen als dat nodig is. En het werkt.” Die eenvoud helpt sociaal werkers in hun dagelijks werk. Ze hoeven niet voor elke situatie een protocol te volgen, maar kunnen handelen vanuit een gedeeld begrip van wat belangrijk is. Dat geeft vertrouwen én verantwoordelijkheid.

Leiderschap op alle niveaus

Leiderschap is een essentieel onderdeel van de besturingsfilosofie. Dat zit niet alleen in de top van de organisatie. “Leiderschap moet op elk niveau plaatsvinden. Sociaal werkers, teams én inwoners nemen initiatief en verantwoordelijkheid.” aldus Karel. Daarnaast is er sprake van gedeeld leiderschap. “Het is niet meer zo dat één partij overal eigenaar van moet zijn,” zegt Anu. “Je doet het samen.” Dat vraagt om een open houding: luisteren, samenwerken en samen zoeken naar oplossingen. Naast gedeeld leiderschap speelt ook adaptief leiderschap een belangrijke rol: kunnen omgaan met verandering en onzekerheid. “Er gebeurt zoveel,” zegt Karel. “Dan moet je steeds opnieuw kijken: wat betekent dit voor ons werk?” Of het nu gaat om verkiezingen, beleidswijzigingen of ontwikkelingen zoals AI: organisaties en sociaal werkers moeten blijven schakelen. “Adaptief leiderschap betekent dat je samen blijft duiden wat er verandert en wat dat vraagt,” zegt Anu.

Wat betekent dit voor sociaal werkers?

Voor sociaal werkers verandert de kern van het werk niet, maar hun rol wordt wel duidelijker en breder. Ze zijn niet alleen uitvoerder, maar ook verbinder, signaleerder en mede-ontwikkelaar van oplossingen. “Ze doen het al,” benadrukt Anu. “Maar dit helpt om het zichtbaarder te maken.” Dat vraagt om vaardigheden zoals samenwerken en omgaan met complexiteit. Maar misschien nog belangrijker is de houding. “Nieuwsgierigheid is essentieel,” zegt Karel. “Nieuwsgierig blijven naar wat er gebeurt, naar hoe mensen denken en naar hoe je verbinding kunt maken.” Volgens hem is die nieuwsgierigheid ook een tegenkracht tegen individualisering. Het helpt om open te blijven staan voor anderen en samen te blijven zoeken.

Als alle theorie en termen worden teruggebracht tot de kern, blijft er iets eenvoudigs over.

Sociaal werk draait om mensen. Om samenleven. Om problemen begrijpen in hun context en samen zoeken naar oplossingen. De besturingsfilosofie helpt om dat werk beter te ondersteunen. Niet door meer regels en controle, maar door meer ruimte, vertrouwen en verbinding. Of zoals Karel het zegt: “De gemeenschap centraal zetten, dat is jullie kracht. En dat is precies wat nu nodig is.”

Achtergrond

In 2022 werd de besturingsfilosofie van Tintengroep ontwikkeld. In 2025 doorliep de organisatie, onder leiding van Karel van Berkel en Anu Manickam, een traject om deze te herijken. 

Al ruim dertig jaar werken Anu en Karel samen als drijvende kracht achter We-Sense. Hun samenwerking kenmerkt zich door een sterke verbinding tussen wetenschap en praktijk, waardoor zij professionals in transitie al jarenlang begeleiden. Anu is gespecialiseerd in economische clusters en transitieprocessen. Vanuit de Hanze leidt zij een onderzoeksgroep op het gebied van regio-ontwikkeling, waar de duurzame ontwikkeling van regio’s in veranderende contexten centraal staat. Karel is socioloog en heeft uitgebreide ervaring als strategisch adviseur in complexe, dynamische omgevingen. Hij ondersteunt organisaties en regio’s bij het vinden van richting en houvast in situaties die voortdurend in beweging zijn. Samen schreven zij onder andere Wicked World. Onlangs verscheen hun nieuwe boek De Grote Systeemwissel.